Hoe groen is jou gras
Filter op onderwerp:
 

Durf jij wel genoeg domme vragen te stellen/opmerkingen te maken?

12-10-2017

Leer fouten maken in 5 stappen.

Iris zal niet zo snel haar mond opendoen in het afdelingsoverleg en de rondvraag laat ze vrijwel altijd aan zich voorbijgaan. Maar als je Iris in een één op één contact spreekt, heeft ze wel degelijk een mening over veel zaken op het werk. Met haar oplossingsgerichte, analytische benadering zouden haar ideeën echt wat kunnen toevoegen. Maar dat gunt ze haar collega’s niet. Niet uit onwil, maar omdat ze zichzelf afremt als ze in de schijnwerpers staat. Ze verzint allerlei redenen waarom ze nu beter niets kan zeggen, waarvan ze diep in haar hart wel weet dat het smoezen zijn. En daarom weten maar weinig mensen hoe origineel en constructief haar ideeën zijn. Hoe goed ze eigenlijk is.

Ben jij ook een Iris?

Misschien herken je jezelf wel in de bovenstaande beschrijving. Spreek jij je soms ook niet uit, terwijl je eigenlijk wel degelijk iets wilde zeggen. Snap je echt niet wat er bedoeld wordt, maar laat je het maar gaan. Heb je in stilte een idee ontwikkeld, maar durf je het niet op de agenda te zetten. Of breng je het zo klein en bescheiden (“Het is maar een ideetje.”), dat die dominante collega er direct overheen walst.

Het risico lopen om dom gevonden te worden.

Hieronder een 5 stappenplan om jezelf te helpen het risico te lopen om dom gevonden te worden. En daarmee vooral beter je kwaliteiten te benutten en kleurrijker te zijn.

1. Word je bewust van je smoezen op de momenten waarop je iets wilt zeggen en dat toch niet doet. Ze zijn er in allerlei varianten, even wat voorbeelden: “Ik zoek het later nog wel een keer uit en ik wil ze niet ophouden”, “Ik zit vandaag niet zo lekker in mijn vel, komt wel een andere keer”, “De vergadering duurde al zo lang, er was gewoon geen tijd meer voor”. Het kan allemaal best een keer echt waar zijn, maar check eerlijk bij jezelf of niet de hoofdreden van jouw zwijgzaamheid was, dat je ergens angst voelde in je lijf.

2. Schrijf je gedachten eens op en kijk ernaar. Vaak kenmerken onze remmende overtuigingen door net woord ‘moeten’ ergens in de zin. Probeer eens of je deze zin af kunt maken: ‘Ik moet voorkomen dat…”. Het antwoord daarop zal je waarschijnlijk reëel voorkomen. Bij voorbeeld: “dat ik voor gek sta” of “dat ze over mij praten achter mijn rug”. Probeer je eigen therapeut eens te zijn door jezelf te bevragen met “en dan?”. Mogelijk kom je uit op dat bottomline je denkt dat ze het nooit zullen vergeten, dat je baas je incapabel gaat vinden en dat je je baan kwijtraakt. Dit zijn gedachten die je gevoel sturen, zonder dat je je dat bewust bent. Nu kun je eens rustig naar je gedachten kijken en je afvragen of je het wel klopt, wat je hier denkt.

3. Geef bewust tegengas. Je bent geen slachtoffer van je gedachten; je kunt echt anders denken. Dat gaat waarschijnlijk niet zomaar, als een bekeerling die het licht gezien heeft, maar als je bewust tegenstuurt, lukt het wel. Wat je helpt zijn de volgende vragen: ‘Helpt deze overtuiging je verder?’ En: ‘Hoe groot schat jij de kans dat je je baan echt kwijt zult raken als gevolg van jouw domme opmerking? ‘Ten slotte: ‘Stel dat, hoe onwaarschijnlijk ook, je hierdoor je baan kwijt zou raken, zou je dan nog gelukkig kunnen worden?’ Verder praktisch: vertel over de overtuigingen en je nieuwe aanpak tegen andere (oplossingsgerichte) mensen. Zo wordt het steeds meer een nieuwe werkelijkheid voor je.

4. Experimenteer. Het beste leer je door nieuwe ervaringen op te doen. Je zou jezelf kunnen voornemen wél een keer aan te geven dat je iets niet begrijpt of een punt op de agenda te zetten in het overleg of je hand op te steken in de rondvraag. Misschien niet gelijk in een lastige setting, maar bij een minder lastig overleg. Jezelf voornemen te oefenen met vragen stellen of opmerkingen te maken en ervaren wat er nu echt gebeurt. Met een nieuw verhaal bewust repeterend: dat het je alleen op korte termijn verder helpt zo voorzichtig te zijn, maar uiteindelijk ook veel nadelen heeft. Dat de risico’s helemaal niet zo groot zijn als ze soms voelen.

5. Noteer je vorderingen. Je zou over een tijdje zomaar kunnen denken, dat je nu iets doet wat je altijd al kon, terwijl je wel degelijk nieuw gedrag uitprobeert. Het risico is aanwezig dat, als je niet een logboekje bijhoudt van je experimenten, je vooral ziet wat er nog niet goed gaat en daardoor minder gemotiveerd raakt. Geef jezelf de credits voor het oefenen. Wees net zo begripsvol naar jezelf als je zou zijn bij je kind, als je vragen of opmerkingen er soms wat weinig geroutineerd uit komen. Je hebt immers jarenlang niet geoefend en jezelf uiten in een overleg vergt een leertraject. Vier je successen.
Het risico durven te lopen iets doms te zeggen, is eigenlijk een voorwaarde om succesvol te kunnen zijn. Om er lol in te hebben.

Hierboven heb ik de RET-methodiek gebruikt om je tolerantie voor risico’s te vergroten. Een nuchtere techniek uit de cognitieve psychologie. Wil je meer lezen over deze aanpak, kijk dan verder op onze site lees dan ook onze andere artikelen.

Lees verder
 

Zorgen dat je de essentiële informatie voor jouw keuze krijgt in het sollicitatiegesprek

11-09-2017

Lijkt op de STAR-methodiek, maar dan voor jou als sollicitant

Tijdens en vaak ook voorafgaand aan een sollicitatiegesprek is er ruimte om vragen te stellen. Veel sollicitanten gebruiken die tijd niet goed. Ze stellen vragen met de bedoeling een goede indruk te maken, in plaats van vragen die hen zelf helpen een juiste keuze te maken. Om goede vragen te stellen, moet je helder hebben welke criteria voor jou van belang zijn (zie het vorige artikel in NRC). Maar ook als je dat scherp hebt, is het nog niet zo gemakkelijk de juiste vragen te stellen. Je krijgt al snel een gekleurd en/of sociaal wenselijk antwoord. Hier kun je lezen hoe je wel aan de juiste informatie komt over de zaken die voor jou essentieel zijn in een baan.

Gevaarlijke vragen (want leveren gekleurde informatie op)
Stel; je wilt weten of je je jouw ideeën kwijt kunt in je werk. Je solliciteert als hoofd van een grote afdeling in de zorg en voor jou is het van belang dat je ook invloed hebt op de strategie, dat er ruimte is om zaken vernieuwend aan te pakken. Om soms ook een beetje buiten de lijntjes te kleuren met elkaar.
Je weet dat de organisatie daarom bekend staat, maar dat geeft nog geen garantie voor de ruimte die jij krijgt.
De voor de hand liggende vraag is wellicht:

“Is er ruimte voor mijn eigen ideeën?“
Dit is een gevaarlijke vraag om 2 redenen:
1) Het leidt in veel gevallen tot een sociaal wenselijk antwoord: “ja dat doen wij zeker”( het is naar om van jezelf als directeur te moeten denken dat jij mensen geen ruimte voor eigen ideeën geeft)
2) Het antwoord is gekleurd door het normgevoel van degene die het antwoord geeft. Die kan zichzelf heel open vinden, maar in jouw norm is hij/zij dat wellicht niet.

Kortom: je hebt feiten nodig.

Een (soort) STAR-methodiek voor sollicitanten

Veel interviewers gebruiken de STAR-methodiek. Dat betekent niet veel anders dan dat zij vragen naar concrete voorbeelden, ofwel, de feiten. STAR staat namelijk voor Situatie, Taak, Actie, Resultaat. Zij proberen zicht te krijgen op wat jij in een bepaalde context precies deed en wat het resultaat was. Daarmee krijgt de interviewer feitelijke informatie, die hij/zij dus zelf kan beoordelen. Daar ben jij ook naar op zoek.

Hieronder een aantal vragen die je helpen feitelijke informatie te verkrijgen over jouw criteria, in dit geval dus: voldoende ruimte krijgen:
“Hebben jullie als organisatie weleens zaken aangepakt, op een manier die aanschuurde tegen de grenzen van wat mocht, omwille van de inwoners?”
“Heb je daar een concreet voorbeeld van, liefst op deze afdeling?”
“Wat was de rol van mijn voorganger daarin?”
“Welke rol speelden jullie als directie?”
“Welke beslissingen nam hij/zij zelf en welke lagen op jullie bord?”

Andere voorbeelden:

Over sfeer
Worden er weleens zaken buiten het werk georganiseerd met het team?
Wanneer bij voorbeeld? Hoeveel mensen gingen er toen mee?
Hoe gaat het hier met lunchen: wordt er gemeenschappelijk geluncht of apart?

Over de mogelijkheid om jezelf te ontwikkelen
Als we naar dit team kijken, wat is er de afgelopen jaren aan opleiding gedaan?
Hoeveel mensen namen deel en wat hebben zij gedaan?
Zijn er ook in-company trainingen geweest? Is er een persoonlijk opleidingsbudget en zo ja, hoeveel bedraagt dat?
Hebben jullie zelf het afgelopen jaar nog een opleiding of training gevolgd?

Over innovatief zijn
Jullie geven aan behoorlijk innovatief te zijn; heb je daar ook een voorbeeld van waarbij deze afdeling/mijn voorganger betrokken was?
Waarin zie je dat innovatieve denken terug in de visie voor de komende jaren?
Met wie hebben jullie de afgelopen jaren vooral samengewerkt op het vlak van innovatie?
Waar zijn jullie het meest trots op, als het op de innovatieve kracht van de organisatie aankomt? Wat zien jullie als de belangrijkste hobbel/tegenkracht waar je mee te maken hebt?

Met deze informatie kun je beoordelen of jullie verwachtingen overeenkomen. Of hun beeld van veel mogelijkheden tot ontwikkeling, ongeveer overeenkomt met dat van jou. Misschien vindt jouw gesprekspartner één keer per jaar een korte in-house training al heel wat, terwijl jij naar Insead wilde. Of is men theoretisch erg vóór persoonlijke ontwikkeling, maar kwam het er de afgelopen jaren nooit zo van. Weeg kortom zelf, neem er je tijd voor en benut die tijd doelgericht. Meer tips over wat je kunt doen om de juiste informatie te krijgen in een sollicitatieprocedure: lees dan het uitgebreide artikel met extra tips op www.loopbaanonderhoudsgroep.nl

Extra tips:

• Voordat je “ja ”zegt, vraag of je een keer mag mee lunchen met het team of gewoon een aantal collega’s. Dat geeft vaak weer veel nieuwe informatie.
• Vraag vooraf hoeveel tijd er is voor jouw vragen. Als je direct de ruimte krijgt, pas dan wel op dat je niet te veel tijd benut, maar denk mee. “Ik heb nog niet al mijn vragen gesteld, maar wellicht kan dat op een later moment nog”. En begin bij wat je het belangrijkst vindt.
• Kijk ook nog of je via je LinkedIn mensen kan benaderen voor extra informatie.
• Een sollicitatiegesprek is een bijzonder abnormale situatie, waarin alle risico’s uitvergroot worden. Elke vraag die je stelt, geeft ook weer een mogelijk negatief beeld van jou . Pas op met vragen die gaan over de combinatie werk/privé, omdat het beeld kan ontstaan dat jij de kantjes eraf gaat lopen of je al te gemakkelijk ziek meldt als je kind ziek is.Tegelijkertijd kunnen ze ook relevant genoeg zijn om wel te stellen, maar weeg je woorden dus wel wat extra.

Lees verder
 

Op zoek naar de baan die echt bij je past? Maak vooraf je boodschappenlijst en laat je niet verleiden door aanbiedingen!

11-09-2017

10 voorbeelden om jouw criteria scherp te krijgen

Als je een nieuwe baan zoekt, wil je een goede keuze maken. Je wilt rustig en overwogen kiezen, de tijd nemen om uit te zoeken wat je echt wilt en waar je kansen liggen. Maar dat valt nog niet mee. Je hebt te maken met allerlei prikkels, zowel van binnenuit als van buitenaf, die je de kant uit sturen van snelle en niet optimale keuzes. Hier lees je hoe je doelgericht te werk gaat.

Omdat je eigenlijk niet zo van andijvie houdt

Zonder boodschappenlijstje kun je je gemakkelijker laten verleiden tot het kopen van spullen die je eigenlijk helemaal niet nodig hebt of niet echt lekker vindt. Gewoon omdat ze in de aanbieding zijn of heel erg in het zicht liggen. Zit je met andijvie waar je eigenlijk helemaal niet zo dol op bent of met spaghetti waar je nog 2 pakken van had liggen. Ook als je een baan zoekt geldt dit principe; zonder lijstje kom je terecht bij banen die bij toeval op je pad komen. Of die aantrekkelijke kanten hebben, maar niet persé op dit moment goed voor jou zijn. Als je de tijd neemt om voorafgaand aan (en tijdens) je zoekproces je lijst met criteria scherp te krijgen, loop je veel minder kans de verkeerde keuzes te maken.

Belemmerende overtuigingen helpen om te snel toe te happen

Wat niet helpt is dat we onszelf vaak onnodig snel ongerust maken. Het is goed om realistisch en alert te zijn op risico’s, maar veel mensen hebben de neiging zichzelf (onbewust) nogal remmend toe te spreken. Twijfels over de eigen kwaliteiten en kansen op de arbeidsmarkt, zorgen ervoor dat vaak te kort en te weinig doelgericht gezocht wordt naar een nieuwe baan. En dat is zonde, want je hebt niet zoveel mogelijkheden om te kiezen in één carrière. Voordat je het weet, ben je weer een paar jaar verder. Elke keuze bepaalt bovendien weer mede de volgende.

Wat vind ik echt belangrijk in een baan? (ofwel: jouw boodschappenlijst)

Hoe weet je waar het jou om gaat? Als je er eens voor gaat zitten, kom je al een eind. Als je eens gaat praten met wat mensen uit je omgeving en ook wat sollicitatiegesprekken voert, nog meer. En als het niet preken voor eigen parochie zou zijn, zou ik ook nog zeggen dat het nuttig is om een loopbaantraject te volgen, opdat je systematisch bevraagd wordt. Hieronder geef ik je alvast een aantal ideeën, die je kunnen helpen jouw lijst scherp te krijgen. Stel jezelf de vraag: wat vind ik echt belangrijk in mijn baan?

• Je kunnen ontwikkelen, opleidingen volgen, de ruimte krijgen in je functie om met nieuwe ontwikkelingen bezig te zijn, doordat het een stap verder is dan wat je nu doet.
• Nuttig werk doen, doordat je achter de doelen van de organisatie staat, de organisatie een maatschappelijk doel dient.
• Werken in een fijn team, dat bij je past doordat er leeftijdsgenoten in zitten, of juist omdat het gevarieerd is, waar je kunt leren van anderen.
• Werken in een goede sfeer; geen murw geslagen collega’s die de ene na de andere reorganisatie hebben doorgemaakt, collega’s die elkaar helpen.
• Genoeg tijd hebben voor je gezin, omdat de reistijd niet te lang is, er niet standaard veel overgewerkt wordt en je soms thuis kunt werken.
• Internationaal werken, bij een werkgever met een goed internationaal netwerk.
• Een goede vervolgstap kunnen maken na deze baan, wellicht heb je al helder wat je uiteindelijk graag wilt bereiken.
• Impact kunnen hebben, zaken voor elkaar kunnen krijgen omdat je functie een goed niveau heeft, je het vertrouwen krijgt van het management.
• Je talenten kunnen benutten: echt aan de slag gaan met waar jij goed in bent.
• Resultaat kunnen bereiken: in een dynamische, doelgerichte en praktische omgeving werken, zonder al teveel politiek gedoe.

Stel prioriteiten en stel de juiste vragen
Als je jouw criteria scherp hebt, is het goed er ook een volgorde van belangrijkheid in aan te geven. Hoe helderder je je lijstje hebt, hoe beter je niet alleen verleidingen kunt weerstaan, maar ook zelf kunt zoeken. Je kunt zoeken naar werkgevers die bekend staan om hun aandacht voor persoonlijke ontwikkeling of innovatie. Je kunt je sollicitatiegesprek goed benutten om zelf ook de juiste vragen te stellen; vragen die gaan over wat voor jou echt van belang is. Maar dan is het nog wel de kunst om ook de juiste vragen te stellen; vragen die je echte informatie opleveren in plaats van sociaal wenselijke non-informatie.

Lees verder
 

Droom je ervan je baan op te zeggen en ZZP-er te worden?

29-08-2017

De drie stappen die je kunt zetten om achteraf geen spijt te hebben van je keuze.

Wie fantaseert er niet af en toe over het werken vanuit je eigen hippe kantoortje je kennis en ervaring benutten, maar dan wel helemaal op jouw manier? Of het starten van iets helemaal nieuws, iets wat er nog niet is, iets waar je kwaliteit kunt leveren? Jouw trainings- of adviesbureautje, jouw welness-concept, jouw ecologische lunchroom. Je hebt er een beeld bij: jouw expertise plus vrijheid. Of met jouw onderneming echt iets voor mensen kunnen betekenen. Dat is de deal waar je voor wilt gaan.

Voor de meesten van ons blijft het bij fantaseren. Dat kan je in zware tijden wat afleiding en energie geven, maar het kan je ook juist ontevreden maken over jezelf. Boos dat je zo slap bent om de stap maar niet te zetten. Als je naar een loopbaancoach gaat, loop je grote kans dat die je leert om los te laten. Vaak zullen de gesprekken gaan over ‘je passie vinden’ en ‘je hart durven volgen’. Maar dat is een beetje als je aanmoedigen om met je ogen dicht in onbekend water springen. Nogal riskant dus.

Hieronder 3 tips om te zorgen dat je geen spijt krijgt:

1. Zorg voor zicht op de twee elementaire elementen
Aan de volg-je-hart benadering ontbreken twee belangrijke elementen: het goed onderzoeken van zowel je eigen behoeften áls de mogelijkheden van de gedroomde optie. Zie daarom dat elke stap een package deal is, met aantrekkelijke en minder aantrekkelijke elementen en zorg dat je die vooraf helder hebt.

Allereerst is het van belang dat je je eigen behoeften goed kent. Daarmee bedoel ik dat je probeert de grote lijnen te zien in wat belangrijk voor je is, wat er voor jou nodig is om het naar je zin te hebben in je werk. Wanneer ben je op je best; met wat voor taken, in wat voor omgeving, met wat voor mensen om je heen? Wat wil je nog leren? Gun jezelf een middag op de hei en praat met anderen om helder antwoord op die vragen te krijgen.
En vervolgens, hoe lastig en spannend soms ook: zorg voor een realistisch en doorwrocht beeld van hoe het is om je geld te verdienen op de manier zoals jij het liefst zou willen. Al fantaserend zie je jezelf waarschijnlijk vooral genieten van je vrijheid om de dingen op jouw manier te doen. Maar er zit meer in het pakket. Het is van belang dat je weet hoe de totale package eruit ziet.

2. Pas op met alles waar je vanaf wilt
Als je fantaseert over iets heel anders wil je in veel gevallen ook ergens vanaf. Je wilt af van dat politieke gekonkel in de organisatie, je wilt af van die onhaalbare targets, van die cultuurtrajecten waar je al lang niet meer in gelooft, of van die files waar je elke dag in staat.
Meestal hebben we daar al aardig wat negatieve gedachten aan gewijd en vaak is dit aspect ook behoorlijk leidend in je zoektocht. Je wilt vooral ergens vanaf. Het risico bestaat dat je daardoor te hard gaat tegensturen. Dat je vooral op rust en eenvoud stuurt, terwijl je eigenlijk best veel dynamiek nodig hebt, maar na al die jaren van reorganisatie-ellende of een slechte relatie met je manager, gewoon doodmoe bent.
Probeer dus te achterhalen hoe het zit met jouw duurzame verlangens: wat vond je 3 jaar geleden belangrijk, wat maakte je werk in het verleden bevredigend?

3. Stel de juiste vragen om een compleet beeld te krijgen van de packagedeal
Natuurlijk krijg je nooit het complete overzicht van die gedroomde optie en zullen zaken in elke situatie net wat anders zijn, maar uit gesprekken met mensen die doen wat jij wilt doen, kun je veel leren. Hoe zien hun dagen eruit, waar worden ze blij van in hun werk en waar balen ze soms van?

Naarmate je je eigen behoeften beter kent, kun je ook beter op zoek gaan naar hoe groot de kans is dat jij zult vinden wat je zoekt. Wil je graag inhoudelijk uitgedaagd worden, onderzoek dan of die klussen die jij zoekt ook daadwerkelijk bij jou als externe adviseur terecht zouden komen. Of dat juist klussen die jij zelf graag uitbesteedt, aangeboden worden. Als je weet of jij blij wordt van samenwerken, onderzoek dan of dat vaak lukt en hoe dat dan werkt. En als financiële zekerheid van belang voor je is, bevraag de ander dan daarop. Of hij/zij ongeveer het salaris als werknemer kan verdienen, of dat dat lager ligt. Of er veel fluctuatie van het salaris is. Maar ook of hij/zij een arbeidsongeschiktheidsverzekering heeft afgesloten en het pensioen geregeld is en wat de overwegingen daarbij waren. Kortom, zorg dat je zicht hebt op het hele pakket van die andere deal.

Dus: dan maar blijven zitten?

Het onderzoeken van het totale pakket, mogelijk vertaald als het zoeken naar de nadelen, kan ertoe leiden dat je ervan afziet. Dat je je opgesloten voelt in je huidige onbevredigende baan en nu niet eens meer een mooie fantasie hebt om uit de dagelijkse ellende te kunnen ontsnappen.

Ik ben ervan overtuigd dat de kans groot is dat het juist anders loopt: dat je al onderzoekende meer zicht krijgt op mogelijkheden. Dat je misschien meer mogelijkheden ziet om intern bij te sturen of gerichter kunt zoeken naar banen die bij je passen. Of misschien je baan combineert met parttime ondernemerschap. Of een nieuwe hobby vindt, waardoor je bepaalde verlangens bevredigt. Of uiteindelijk wel ondernemer wordt, maar in een andere richting. Kortom: als je durft je droom echt te toetsen, voorkom je niet alleen dat je achteraf spijt krijgt, maar is de kans groot dat je ook meer zicht krijgt op de beste alternatieven om op een prettige manier je geld te verdienen.

Lees verder
 

Radicale openhartigheid? Haal jouw feedback alsnog op!

16-08-2017

Zeven vragen die je anderen kunt stellen om echt zicht op je kwaliteiten te krijgen.

In de VS maakt Kim Malone Scott veel discussie los met haar pleidooi voor radicale openhartigheid. Het gaat er daarbij om frequent en direct feedback te geven, op een betrokken manier. Ze noemt het: ‘het kruispunt tussen liefde en waarheid.’ In veel organisaties staat dit nog ver van de dagelijkse praktijk. Er wordt niet alleen weinig feedback gegeven, maar deze is ook nogal eenzijdig. Zonder voldoende input kan het maar zo gebeuren dat je ook na flink wat jaren werkervaring nog weinig zicht hebt op wat je kwaliteiten nu echt zijn. Daardoor loop je het risico de verkeerde keuzes te maken. Maar je kunt ook zelf het initiatief nemen door gericht input te verzamelen.

Het gaat vooral over wat beter kan

Evaluatiegesprekken verlopen vaak volgens eenzelfde patroon: er wordt gesproken over wat er goed ging (even) en daarna over wat er beter kan (uitgebreid). Ook bij succesvolle projecten en positieve functioneringsgesprekken ligt de nadruk vrijwel altijd op de verbeterpunten. Slechts in hoge uitzondering wordt er uitgebreid stilgestaan bij vragen als: wat maakt nu dat jij als professional succesvol bent? Welke kwaliteiten waren dat en hoe heb je ze zo goed weten te benutten? In welke context zou je die kwaliteiten ook nog kunnen benutten?

‘Ik ben wel goed met mensen’

“Ik ben enthousiast en ondernemend. Ik maak af waaraan ik begin en ik ben wel goed met mensen”. Dat was het antwoord op mijn vraag aan een 48-jarige cliënte wat haar belangrijkste kwaliteiten waren. Ze kon me nog wel aardig wat meer vertellen over haar beperkingen: dat ze vaak te laat kwam en zaken uitstelde, soms te boos werd etc. Ze had af en toe kritiek gekregen, maar verder positieve beoordelingen, die nauwelijks werden besproken. Daardoor was haar zelfbeeld niet veel anders dan toen ze begon te werken. Hoe scherp is jouw beeld van je kwaliteiten; wat maakt bij jou dat je dingen goed doet?

Jezelf benchmarken

Je hebt veel feedback nodig om je kwaliteiten op waarde te kunnen schatten. Is het bovengemiddeld wat ik hier laat zien of kan iedereen dit? Wat is mijn aandeel eigenlijk in dit succes, was het misschien vooral aan anderen te danken, of had ik mazzel? Je hebt voor een goed beeld feedback nodig van verschillende mensen uit verschillende contexten; iedereen kent je op een verschillende manier en heeft ook een beperkte blik en allerlei (voor)oordelen.

De inhaalslag

Je kunt het alsnog doen: jouw feedback gericht ophalen. In de loopbaantrajecten die ik geef zit vaak een oefening om feedback op te halen, bij (ex) collega’s, maar ook bij vrienden en familie, die je immers ook in allerlei situaties hebben meegemaakt. Hoewel veel mensen schroom voelen om de vragen uit te zetten, leert de ervaring dat wat je terugkrijgt vaak enorm waardevol is. Je kunt ze mailen dat je met een loopbaantraject bezig bent en je hun hulp wilt vragen. De bevraagden vinden het vaak leuk om te doen. Door de vragen te mailen gun je ze de tijd om erover na te denken.
Vragen om uit te zetten
De clou van de oefening is dat de vragen gericht zijn op het nadenken over kwaliteiten (in plaats van wat beter kan). De focus ligt op de mogelijkheden omdat juist die vaak zo weinig aan bod gekomen zijn.
Zorg voor je eigen inhaalslag met de volgende vragen:

Vragen om uit te zetten, gesplitst in vragen voor je (ex) collega’s en voor vrienden/familie.

Zorg voor je eigen inhaalslag met de volgende vragen:
• Als je een bedrijf had, waar zou je mij voor inschakelen en waarom?
• Wat kan ik toevoegen aan een team?
• In wat voor situaties vind jij mij op mijn best?

Maar ook nog:
(ex)collega’s/(ex)managers, (ex)mentor
• Als ze jou om een referentie zouden vragen, wat zou je dan vertellen?
• In wat voor situaties vind jij mij op mijn best?

Of bij familie/vrienden:
• Wat zie jij als mijn belangrijkste kwaliteit?
• Beetje gekke vraag: stel je houdt een praatje bij mijn begrafenis (stel misschien even gerust dat je geen plannen in die richting hebt voorlopig), wat zou je over mij vertellen?

Beter voorbereid de bergen in
Het helpt je je kwaliteiten op waarde te schatten en de juiste keuzes te maken. Niet onnodig voorzichtig te zijn, zoals je zou zijn als je op een trektocht gaat door de bergen zonder te weten wat er in je rugzak zit. Scott heeft gelijk als ze aangeeft dat de waarde van feedback niet overschat kan worden: je blijft niet alleen de dingen verkeerd doen, maar veel erger nog: je benut je eigen mogelijkheden niet. En dat is pas echt zonde.

Hulp nodig? Wil je dat we je helpen om meer zicht te krijgen op jouw kwaliteiten, met deze en andere oefeningen? Kijk dan eens onder het kopje Loopbaanonderhoud Compact op de site en bel of mail ons voor een vrijblijvend oriënterend gesprek.

Lees verder
 

Blijf jij langer dan goed voor je is omdat solliciteren te ingewikkeld is?

05-08-2017

10 vragen om te voorkomen dat je langer blijft dan goed voor je is

Je hebt geen hekel aan je baan, maar veel nieuws leer je niet meer. Of je hebt er soms helemaal genoeg van, maar een maand later gaat het wel weer. Je manager is vervelend kritisch, maar je hebt geleerd het van je af te laten glijden.

Je weet dat het eigenlijk beter zou zijn om een stap te zetten. Waarschijnlijk heb je al weleens naar vacatures gekeken, wellicht ook daadwerkelijk gereageerd op een vacature, maar de kans is groot dat je gestopt bent. De kans is ook groot dat je al meerdere keren ermee begonnen bent en weer gestopt, want zo gaat het vaak.

Want waar begin je als je wat ‘anders’ wilt?
Het vinden van een nieuwe baan is vaak een lastig proces. Zeker als je niet precies weet wat je wilt. Als je eigenlijk wel iets anders zou willen gaan doen; een ander type functie, een andere branche. Maar hoe kom je erachter of je daar vindt wat je zoekt of hoe je kansen er liggen? Je netwerk benutten lees je dan, maar wie en wat zeg je dan? En als die mensen niet in je netwerk zitten, hoe kom je dan met ze in contact?

Ken jezelf; maar waarop gebaseerd?
Zelfkennis heb je natuurlijk ook nodig: je moet scherp hebben wat je kwaliteiten zijn, wat je precies wilt, waar je kansen liggen en hoe je gezien wordt. Zicht op je kwaliteiten is vaak helemaal niet zo vanzelfsprekend: feedback gaat nu eenmaal vaak over hoe de dingen beter kunnen. Eens even lekker analyseren met je manager waarom jij de dingen zo goed doet, komt helaas zelden voor. De kans dat je niet helemaal scherp hebt wat je kunt en waar je op je best bent, is dus best groot.
Haar op je tanden
Voor hen die een baan ambiëren die niet direct aansluit op hun ervaring, voor 50-plussers of mensen met een niet westerse achtergrond, is het bovendien een zoektocht die vaak de nodige veerkracht vereist. Als je tot een van die groepen behoort loop je bovengemiddeld veel kans om afgewezen te worden.

Wachten tot het urgent is
Systematisch op zoek naar een baan die echt bij je past is dus een vaak een lastig proces. Voor veel mensen geldt dat ze verschillende malen starten en weer stoppen met zoeken. Of dat ze kiezen voor iets dat gemakkelijk op hun pad komt en daardoor niet echt terecht komen op een plek die tegemoet komt aan hun talenten en ambities. Uiteindelijk gaan de meeste mensen pas echt op zoek als ze niet anders kunnen. Ze gaan pas echt op zoek naar een nieuwe baan als het urgent is. Met andere woorden: als ze echt hun baan verliezen of compleet gedemotiveerd zijn. Dat is begrijpelijk, maar ook jammer. Ze hebben vaak het omslagpunt gemist, waarna de extra gewerkte maanden niet meer iets toevoegden aan hun aantrekkelijkheid op de arbeidsmarkt en hun eigen zelfvertrouwen. Ze hebben te veel kritiek moeten incasseren, te lang tegen hun zin in gewerkt, zijn zich te afhankelijk gaan voelen.

Werkgevers onderschatten het probleem
Behalve ten tijde van reorganisaties, zijn er maar weinig werkgevers die hun medewerkers helpen op tijd ook weer uit te stromen. Het is een zaak van de werknemer zelf. Dat daardoor (mijn inschatting) in de meeste organisaties minstens 20% mensen werkt, die heel graag weg zouden willen als ze de kans zagen, zien ze ten onrechte niet als een probleem. Dat is onverstandig, want als je weg wilt en niet druft/kunt, voel je je vaak machteloos en somber en is de kans op uitval groter.

Check: blijf jij langer dan goed voor je is?
1. Heb je al (veel) vaker gedacht dat je weg wilde gaan?
2. Hoor je jezelf regelmatig mopperen over je werk en ben je cynisch over je werkgever?
3. Neem je nog weleens een initiatief op je werk, durf je je uit te spreken zonder een blad voor de mond te nemen?
4. Heb je meer of minder zelfvertrouwen dan een jaar geleden?
5. Heb je nog succes en zien relevante anderen op je werk jouw kwaliteiten?
6. Zijn je kansen erop vooruitgegaan of juist verminderd het afgelopen jaar?
7. Zie je nog kansen om je werk leuker te maken en heb je al eens succes geboekt met eventuele eerdere pogingen daartoe?
8. Heb je ‘s avonds nog energie voor dingen of put het werk je helemaal uit?
9. Heb je het idee dat er buiten deze baan eigenlijk weinig alternatieven voor je zijn?
10. Geloof je dat je deze baan niet los kunt laten i.v.m. de benodigde financiële zekerheid?

Herken jij het beeld bij jezelf van blijven uit angst of gebrek aan perspectief, van onzekerder worden en minder succesvol? Wees dan reëel: en sus jezelf niet door te zeggen dat je eerst even de drukke periode achter de rug moet hebben, of dat je loyaal bent, maar zie onder ogen dat je aan de slag moet.
In kleine stappen toch aan de slag

Op onze site vind je allerlei artikelen waarin we je helpen om kleine stappen te zetten, waardoor je in ieder geval actief blijft met je onderhoud. Met onderzoeken en voorzichtig kansen zaaien, win je vaak vanzelf aan zelfvertrouwen en enthousiasme. Lees meer over de manieren waarop jij kunt voorkomen dat jij te lang blijft hangen.

Lees verder
 

Heb jij soms ADD?

19-07-2017

Je hebt altijd van die goede ideeën, maar het wordt vaak toch geen succes.

Er kunnen verschillende redenen zijn, waarom de resultaten die je boekt tegenvallen, maar een reden kan zijn, dat je in meer of mindere mate ADD hebt. In deze column kun je lezen hoe je dat kunt herkennen om jezelf (of je collega/vriend/kind) verder te helpen.

Veel mensen komen er pas op latere leeftijd achter dat ze ADD hebben, de rustige/meer dromerige variant van ADHD. ADHD ers weten dat vaak al wel, omdat hun drukke en beweeglijke gedrag herkenbaarder is, maar ADD ers zien er niet anders uit.

Altijd veel kritiek krijgen
Werken met ADD is vaak een behoorlijke klus. In mijn loopbaanpraktijk en als docent kom ik regelmatig mensen tegen, die in hun leven behoorlijk wat kritiek te verstouwen hebben gekregen. Ze werden regelmatig als slordig, chaotisch en gemakzuchtig bestempeld. Vaak zijn ze ook de niet ingeloste belofte: enthousiaste, inspirerende, out-of-the-box denkende mensen, die toch niet de resultaten brachten die men van hen verwachtte.

De juiste omgeving vinden scheelt
Weten of je ADD hebt, helpt je de juiste oplossingen te bedenken. Door medicatie kan het gemakkelijker worden je beter te concentreerden, maar je kunt jezelf ook allerlei trucks aanleren om minder last te hebben van de ADD. Tenslotte kun je beter een werkomgeving zoeken die bij je past. Dus niet op een advocatenkantoor waar alle details van levensbelang zijn of een functie waarin je weinig ruimte hebt voor je creativiteit, maar een voor jou vruchtbare plek. Misschien juist wel zien door te stromen naar het management omdat je dan betere ondersteuning krijgt en je meer afgerekend wordt op je ideeën.

Herken jij je in deze kenmerken?
• Zaken vaak tot het laatst toe uitstellen.
• Moeite met het opbrengen van motivatie.
• Chaotisch/ Vergeetachtig.
• Op bepaalde zaken die je interessant vindt kun je je opeens wel goed concentreren.
• Moeite met details (ze zien en op kunnen brengen ermee bezig te zijn).
• Gedachten dwalen vaak af bij het luisteren.
• Kunnen enthousiasmeren/motiveren van anderen, levendig zijn.
• Een brede interesse hebben en vaak kansen zien.
• Veel fantasie/gedachten.
• Out of the box kunnen denken, creatief en associatief zijn.
• Een bovengemiddeld grote hekel aan administratieve taken hebben.
• Moeite hebben om te starten, tijd laten vervliegen.
• Kritiek krijgen over slordigheid, vergeetachtigheid, laksheid, maar helemaal niet de intentie hebben de
kantjes eraf te lopen.
• Regelmatig te laat komen.
• Oplossingsgericht zijn, kunnen improviseren.
• Geen geduld hebben voor (schriftelijke) instructies.
• Opruimklussen uit de weg gaan.
• Regelmatig verrast worden door verkeerde /dubbele afspraken.
• Gevoelig voor verslaving.
• Perfectionistisch in contrast met chaos.

Verder lezen en delen met je werkgever?

Herken je deze kenmerken of een deel ervan? Dan is het de moeite waard eens te onderzoeken of je ADD hebt. Je kunt je laten testen bij voorbeeld via ADHD Centraal of er eens wat verder over lezen. Veel hulpverleners sturen erop aan dat je open kaart speelt met je werkgever en raden je aan vooral te genieten van je kwaliteiten als ADD er. Hoewel ik geloof dat veel ADD ers over bepaalde kwaliteiten beschikken (originaliteit, flexibiliteit), denk ik dat het lang niet altijd verstandig is je bevindingen met je werkgever te delen. Er valt veel winst te behalen in het vinden van de juiste omgeving en slim dealen met je beperkingen.

Medio augustus komt er een uitgebreider artikel op onze site www.loopbaanonderhoudsgroep.nl

Lees verder
 

Heb ik wel een geschikt netwerk? (ja) 5 tips om effectief aan de slag te gaan

07-07-2017

Vorige keer schreef ik over Eef, die schroom had om haar netwerk te benutten voor haar eigen loopbaan. Hieronder schrijf ik over jouw netwerk dat groter is dan je denkt en geef ik tips hoe je effectief kunt netwerken.

Heb ik wel een geschikt netwerk?

Iedereen heeft een netwerk waar je mee aan de slag kunt. Van je buren, tot je zwager, voormalige collega’s en de andere ouders uit de oudercommissie, iemand die je spreekt op een seminar, of met wie je in de lift vast hebt gezeten. Je hebt de meeste kans van slagen in de kring om je directe bekenden heen. Die is namelijk niet alleen veel groter dan je groep van directe bekenden, maar brengt je ook buiten je bekende wereld.

Iedereen kent al heel wat mensen, maar de kunst is nog veel méér mensen te leren kennen. De volgende cijfers uit een onderzoek van de Amerikaanse socioloog Mark Granovetter zijn goed om in gedachten te houden.
Van de mensen die via hun netwerk een baan hebben gevonden:
• ontmoette 16,7% de betreffende contactpersoon vaak (zoals bij een goede vriend)
• ontmoette 55,6% deze persoon nu en dan
• zag 28% hem of haar zelden.

Met andere woorden, mensen vinden niet zozeer werk via goede vrienden, maar vooral via verre kennissen. Volgens Granovetter komt dat doordat je vrienden in dezelfde wereld vertoeven als jij. Wat zij weten, weet jij al. Maar verre kennissen introduceren je in nieuwe werelden. Hij noemt dit 'de kracht van zwakke banden'.Bij het netwerken voor een baan heb je dus meer aan de vaardigheid gemakkelijk veel oppervlakkige contacten aan te gaan, dan aan de vaardigheid hechte relaties te ontwikkelen.

Tips om effectief te netwerken

1. Leg contact. Vraag oude collega’s of ze eens met je mee kunnen denken. Benader je LinkedIn contacten met een klein verzoek, bij voorbeeld of je ze eens even mag bellen om ze een paar vragen te stellen omdat je je aan het oriënteren bent. Of dat je ze een keer mag uitnodigen voor een kopje koffie.

2. Onderhoud je contacten. In lijn met de metafoor van het zaaien; de zaadjes hebben water nodig om uit te kunnen groeien tot iets moois, namelijk een warme relatie met vertrouwen in jouw kunnen. Dus blijf geven en updaten. En zorg dus voor enige systematiek. Wie heb je wanneer benaderd en waar was hij/zij vooral mee bezig?

3. Zorg voor je zichtbaarheid in de omgeving waarin je gezien wilt worden. Investeer in het bijwonen van een seminar. Of schrijf een artikel. Of Twitter mee over een bepaald onderwerp. Zorg dat je mee discussieert in bepaalde groepjes. Of doe gewoon dingen die in lijn liggen met wat je wilt zijn. Wil je graag bij een milieuorganisatie werken? Natuurlijk doe je dan mee aan een vrijwilligersdag waarin je bomen snoeit ed. Misschien ontmoet je er de juiste mensen, maar sowieso helpt het je aan een geloofwaardig CV.

4. Update je profiel in LinkedIn. Zorg dat je een foto erop hebt staan, dat de tekst klopt. Verplaats je de hele tijd in de winst-verliesrekening van je lezers. Wat hebben zij nodig aan informatie? Wat geeft ze een indicatie van het niveau van jouw werkzaamheden (bijvoorbeeld: namedropping van bedrijven, klanten, andere contacten, maar ook cijfers waarvoor jij verantwoordelijk was. En zet nooit in je profiel dat je werkzoekende bent. Dat ziet er veel te wanhopig uit. Laat die update dus nog maar even zitten of zet er iets anders voor in de plaats, bijvoorbeeld de vrijwillige klussen die je nu doet.

5. Help jezelf dóór te gaan. Het blijft een nogal ongrijpbare materie. Lastig om efficiënt en projectmatig aan te pakken. Elk contact kan je weer nieuwe wegen opleveren of helpt je andere wegen af te sluiten. Zeker als je er wat tegenvallers tussen hebt zitten (nee-zeggers, afbellers, ongeïnteresseerde gesprekjes), is het gemakkelijk toch weer te stoppen. Help jezelf door een manier te zoeken die jou aan de gang houdt. Bijvoorbeeld door de juiste dingen tegen jezelf te zeggen Of er zaken naast te doen die heel concrete resultaten opleveren. In je werk of in vrijwilligerswerk. Of door jezelf daarnaast de tijd te gunnen af en toe eens lekker te mogen ontspannen.
6. Hoe heb je de meeste kans een positieve indruk achter te laten?

Concrete tips:

• Zie je op tegen een netwerkbijeenkomst? Kom dan extra vroeg. Dan hoef je jezelf niet tussen pratende groepjes te mengen, maar kom je tussen andere zoekende mensen. Of bied je hulp aan, kijk of je een rol kunt vervullen in de organisatie. De meeste netwerk-haters voelen zich het beste als ze een duidelijke rol hebben.

• Ja, je hebt er zin in. En ja, het gaat prima met je. Dat is wat je moet uitstralen, leuk deze avond, leuk jou te ontmoeten. Enthousiasme zien, geeft vertrouwen en doet enthousiasme voelen. Maar straal ook zakelijkheid uit, geen hondje dat kwispelend vraagt om wat aandacht.


• Maak een afwijzing niet persoonlijk. Als je op een vreemde afstapt, of nog spannender, op een groepje afstapt, betekent dat dat je het risico loopt dat er weinig interesse voor je is. Je in feite afgewezen wordt. Maak het niet te persoonlijk. Het kan er heel goed mee te maken hebben dat 2 mensen net erg leuk in gesprek waren. Of ze gewoon er vooral met hun eigen zakelijke belang bezig waren.

• Zoek naar overeenkomsten: Stel veel vragen. Bij een onbekende persoon is het bijvoorbeeld goed om korte opmerkingen te maken/vragen te stellen over een gebeurtenis of situatie die beiden delen. Dit kan het weer zijn, de kwaliteit van de wijn, een schilderij aan de muur; alles wat op dat moment een overeenkomst is. Allerlei onderzoek wijst uit dat mensen zich het meest aangetrokken voelen door mensen die op hen lijken.

• Luisteren is goed, maar niet alleen máár. Mensen praten graag over zichzelf. Belangrijke mensen praten nóg liever over zichzelf. Gebruik dat. Maar zorg wel je dat zelf niet helemaal onzichtbaar blijft. Op zoek gaan naar wat je voor de ander zou kunnen beteken, hoe je hem of haar zou kunnen helpen is ook een prima start van een goed gesprek. Dat is dus wat anders dan vooral luisteren of jouw belangen vergeten te benoemen.


• Blik positief terug:
Wees niet negatief over je vorige of huidige baan of over mensen met wie je gewerkt hebt. Misschien wil je gewoon eerlijk zijn of helpt het je je verhaal kracht bij te zetten dat het niet aan jou gelegen heeft. Maar het is vooral verontrustend voor je gesprekspartner: die zou gemakkelijk kunnen denken dat jij een negatieveling bent en niet kritisch naar jezelf.

Lees verder
 

Netwerken doe je opgewekt, totdat het over een nieuwe baan voor jou gaat

20-06-2017

Eef werkt binnen een internationale, technische organisatie als tweede vrouw op de afdeling Learning & Development. Ze is een vrouw die bijzonder gemakkelijk contact legt, op alle niveaus, zowel in- als extern. Maar er is wel een uitzondering: het lukt haar niet om via haar netwerk te onderzoeken hoe ze een volgende stap kan zetten. Ze zoekt wel in vacatures, maar er is niets waar ze enthousiast van wordt. Zo loopt Eef een beetje vast. Is dit voor jou herkenbaar?

Netwerken naast vacatures
De meeste mensen die een andere baan willen, gaan aan de slag met het zoeken naar vacatures. Die route is bekend en doet prettig doelgericht aan, maar een groot deel van de mensen vindt via zijn netwerk een nieuwe baan.

Dus tenzij je de headhunters van je af moet duwen, is het een goede stap om in jouw netwerk te investeren als je op zoek bent naar een nieuwe baan. En dan is het al helemaal handig als je niet de meest vanzelfsprekende keuze bent. Bijvoorbeeld omdat je niet de perfecte match hebt met werkervaring of dat je meer junior of senior bent dan gevraagd wordt.

Netwerken net zo effectief
Netwerken is vooral effectief omdat het helpt het vertrouwen in jou te vergroten. Mensen kunnen een positief beeld bij je krijgen doordat je een sympathieke, bekwame indruk hebt gemaakt en ze weten wat je kunt. Mensen zullen na het gesprek het met jou aandurven. En dan bedoelen we in bijna alle gevallen, niet het direct aanbieden van een baan, maar het aandurven om jouw naam ergens te noemen en je door te verwijzen naar een kennis of een collega.

Onderzoeken en zaaien
Netwerken betekent dat je contacten legt en onderhoudt. Je zet contacten in om zaken voor elkaar te krijgen. In dit geval gaat het dus om de gesprekjes die je voert met mensen over hun werk. En daarin doe je twee dingen tegelijk:

Onderzoeken
Zaaien
Je onderzoekt. In kleine gesprekjes tijdens een seminar of in de trein. Of met mensen die je bewust benadert, omdat ze je meer informatie kunnen geven over een branche, een bedrijf of een functie. Vragen die je beantwoord wilt krijgen zijn bijvoorbeeld:

Hoe is het om te werken in de branche / het vak / de organisatie waarin je werkt? Wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen?
Waar liggen mogelijkheden?
Wat voor mensen worden er gezocht, wanneer ben je een aantrekkelijke kandidaat voor de desbetreffende functie?
Hoe is het met de vraag en het aanbod in de markt?
Hoe kom ik er? Hoe lopen de wegen naar waar ik wil zijn, welke contacten moet ik daarvoor hebben en hoe maak ik mijzelf zichtbaar?
En bovendien: vaak kom je er al pratende achter dat er nog hele andere functies of werkgevers zijn, waar jij nog niet aan had gedacht. Praten over mogelijkheden leert je vaak ook nieuwe mogelijkheden te zien. Met wie zou ik ook nog kunnen praten?
Je zaait met jouw vragen, jouw enthousiasme en de kennis die je laat zien. Je laat een indruk achter. En daarmee plant je ook een zaadje. Als je dat zaadje af en toe water geeft (lees: contact onderhoudt), dan kan dat uitgroeien tot een kans.

Niet mensen vragen om een baan
Veel mensen hebben net als Eef schroom om contact te leggen als ze iets voor zichzelf willen. Maar stel jezelf eens de vraag: hoe zou jij reageren als iemand die je, bijvoorbeeld via via kent, je vraagt eens wat te vertellen over je werk? De meeste mensen vinden dat best leuk en nemen er graag even de tijd voor. Zo zit je een kwartier aan de telefoon of een uur aan de koffie. Je hoeft niet om een baan te vragen; je bent je aan het oriënteren op de richting die je wilt kiezen voor een stap in de toekomst. Daarmee verlaag je de drempel ook vooral voor jezelf.

Met die gedachte is Eef nu ook aan de slag gegaan en heeft zowel intern als extern wat afspraakjes gehad en heeft er ook nog een aantal staan. Leuke gesprekjes waren het. Eef is een drempel over.

Meer lezen over effectief netwerken? Lees dan ook mijn volgende column over effectief netwerken over twee weken.

Lees verder
 

Je wilt wat anders, maar hebt geen idee wat

08-06-2017

Verleid jezelf tot actie in 3 stappen

Het is niet dat je constant loopt te balen van je werk, maar het spannende is er wel een beetje af. Misschien ben je wat cynisch geworden, erger je je aan bepaalde zaken. Je hebt vast regelmatig gedacht: “Ik moet nu echt weg, ik ben hier gewoon klaar”., maar kwam het er nog niet van. Je kon wellicht niet bedenken wat je dan wél zou willen en waar begin je dan? Met dit eenvoudige stappenplannetje maak je de drempel lager om aan de slag te gaan. Gun jezelf je amateurisme op dit vlak. Ermee bezig zijn brengt je sowieso verder. Verleid jezelf tot actie in 3 stappen:

1) In de reflectiestand, neem eens een uurtje voor de volgende vragen:
• Wat zijn klussen waar ik blij van word?
• Wat mis ik nu vooral?
• In wat voor omgeving kom ik het beste tot mijn recht?
• Wat zou ik nog graag willen leren en/of doen?
• Voor wie ben ik interessant?
• Welke functies/bedrijven uit de vacaturesites spreken me (deels) aan en waarom?

En denk dan eens na over een globaal rijtje organisaties of functies die je zou willen onderzoeken. Zie dit rijtje uitsluitend als basis van je onderzoek, leg jezelf er niet op vast. In de loop van je onderzoek zullen je criteria steeds scherper worden.

2) Ga praten, met ex-collega’s, de buurman, met klanten, mensen uit je tweede lijn van LinkedIn. Niet om een baan te vinden, maar om te onderzoeken of bepaalde rollen/ branches (in de toekomst) iets voor je zijn. Zo maak je de gesprekjes ook licht en geef je je gesprekspartner niet het gevoel dat hij allerlei dingen voor je moet gaan doen.

3) Stel (imperfecte) zoekprofielen op: misschien wordt het wel iets heel anders, maar je houd jezelf bij de les door je te laten attenderen op vacatures. Bel ook eens om te onderzoeken of je een interessante kandidaat voor hen zou kunnen zijn, of om te onderzoeken of de functie voldoet aan jouw criteria.
Alles wat je doet voordat je echt, nú, weg wilt of moet, is meegenomen. Onder druk is er vaak niet meer de tijd om rustig met wat mensen te sparren. Bovendien gebeurt er nog iets belangrijks: terwijl je aan het exploreren bent, ben je automatisch ook aan het zaaien. Anderen weten dat je in de markt bent. Daarmee groeit de kans dat je via via aan een leuke nieuwe baan komt.

Lees verder
 

Met deze tips kom je van het ‘Impostersyndroom’ af

22-05-2017

Vervolgartikel

Het is een nachtmerriescenario, maar het kan in jouw beleving zomaar werkelijkheid worden. Dat op je werk ooit iemand opstaat en zegt “Je hebt helemaal niet het niveau voor deze baan. Je bent helemaal niet intelligent, creatief en doortastend genoeg.” En dat anderen op het werk dat beamen.

Het idee dat je overschat wordt en/of jezelf misschien wel erg overschat, maar dat je natuurlijk een keer door de mand moet vallen, dat is de kern van het Impostersyndroom. Maar liefst 70% van de mensen heeft er in min of meerdere mate last van. In het vorige artikel staat een test, waarmee je kunt toetsen in hoeverre jij behept bent met het Bedriegers- of Impostersyndroom. In dit, in NRC verschenen artikel, geef ik een aantal tips hoe je ervan af kunt komen.

1. Maak het niet kleiner, maar ook niet groter
Het Impostersyndroom is geen psychische ziekte, maar wel een hardnekkige combinatie van denken, voelen en handelen. Erken dat jij dit hebt, dat een aantal persoonlijkheidsfactoren, gecombineerd met ervaringen, met ‘opvoedingswaarheden’ waarschijnlijk voor de juiste vruchtbare grond voor dit denken hebben gezorgd. Bedenk ook dat dat voor een meerderheid van de mensen geldt.

2. Realiseer je dat je (consequent) een aantal denkfouten maakt
Het denken over jezelf voelt vaak heel natuurlijk aan, omdat je dat zo consequent doet dat er een snelweg in je brein ontstaan is. Je zult hard moeten trainen in anders denken om een nieuwe (gezonde) weg te creëren. Dat begint met het herkennen van ongezonde denkfouten zoals:
- Anderen mogen fouten maken, maar ik niet.
- Mijn prestaties zijn niets bijzonders; dat kan iedereen.
- Complimenten krijg ik omdat ‘ze’ er weinig zicht op hebben, iets van me nodig hebben, of het anders zielig voor me vinden.

3. Word slachtoffer-af
Zie jezelf niet als slachtoffer. Vergeef je ouders hun goedbedoelde zuinigheid aan complimenten of die ene baas die je klein hield. Als je het idee hebt dat bepaalde mensen veel invloed hebben gehad op jouw onzekerheid, probeer ze dan een brief te schrijven (die je niet hoeft te versturen), waarin je ze vergeeft. Juist daardoor krijg je zelf weer het heft in handen.

4. Ga moeilijke taken niet uit de weg, maar dwing jezelf tot oefenen
Meld je juist wél aan om die presentatie te geven, zorg dat je een vraag hebt bij de rondvraag en probeer jezelf uit in nieuwe rollen en taken Ervaar hoe het is om op je tenen te moeten lopen en wellicht zelfs kritiek te krijgen. Ervaar hoe je dit gewoon overleeft. Geef jezelf de credits voor je doorzettingsvermogen.

5. Bevraag jezelf telkens opnieuw bij je kritische zelfovertuigingen:
-Is het logisch wat ik hier denk? (Bijvoorbeeld dat ik dingen gelijk goed moet doen en dat voor mij strengere regels gelden dan voor anderen).
-Helpt het mij om zo te denken? (Bereik ik zo eerder mijn doelen?)
-Kan ik er ook anders over denken? En: wat kan ik denken opdat ik mij zekerder voel?

6. Denk gezonder en liefdevoller. Probeer een nieuwe gezonde gedachte te formuleren. Neem daarbij je beste vriend(in) of je geliefde broer/zus in gedachten; wat zou je willen dat hij of zij zou denken in plaats van deze gedachte? Mag die gedachte ook voor jou gelden

Bijvoorbeeld: ”Ik kan iets heel doms doen, maar dat maakt mij nog niet tot eedom mens. Ik ben nog steeds een mens met allerlei kwaliteiten. Maar net als iedereen maak ik soms de verkeerde beslissing. De volgende keer zal ik het anders doen.”

7. Voed jezelf met verse positieve input: maak notities over wat er goed ging, en waar je (een beetje) trots op bent. Doe dat consequent, eerst elke dag, na een maand elke week. Kijk ook eens terug op je leven met deze blik: waar ben je trots op? Wat heb jij gedaan opdat het goed ging? Wat zegt dat over jou?

8. Zorg voor een goede tekst om niet te stoppen met dit project. Een tekst die je op een aantal plaatsen bewaart, of zichtbaar ophangt. Iets in de geest van:
‘Ik denk vaak op een manier over mijzelf waarmee ik mijzelf geen recht doe en die maakt dat ik veel te veel pieker. Dat doe ik al jaren en dus ben ik daarin goed getraind. Het anders denken voelt onnatuurlijk, maar ik weet dat ik het kan. Ik wil een leuker leven, dus dat ga ik ook doen. Dat betekent ook dat ik het risico loop dat ik soms fouten maak, kritiek krijg. En hoewel ik dat lastig vind en misschien wel uit het lood geslagen zal zijn, weet ik ook dat ik het zal overleven. En dat ik juist door nieuwe spannende ervaringen op te doen, mijzelf help aan een positiever zelfbeeld en mijn potentieel veel beter kan benutten.’

Lees verder
 

Nog steeds niet door de mand gevallen?

09-05-2017

Test jezelf: behoor jij tot die 70% (ja echt!) die last heeft van het ‘Bedriegerssyndroom’?

Maar liefst 70% van de mensen denkt ooit een keer door te mand te gaan vallen. Betrapt te kunnen worden als een iemand met te weinig visie en niveau. Dat gevoel wordt ook wel het Bedriegerssyndroom (of Impostersyndroom) genoemd. Juist hoogopgeleide, succesvolle mannen en (vooral) vrouwen hebben er last van. Het zijn vaak harde werkers, vol ambitie, maar de successen die ze behalen en complimenten die ze krijgen, hebben weinig impact. Ze worden gebagatelliseerd (‘had iedereen gekund, hoor ”of “mijn bijdrage was echt niet zo groot.”). Kritiek wordt vrijwel altijd heel serieus genomen, ook als het afkomstig is van personen, die ze zelf niet zo hoog hebben zitten of die maar weinig kijk op hun functioneren hebben.

Je kunt er behoorlijk last van hebben, bij voorbeeld:

  • Je piekert veel over alle risico’s, waardoor je zelden echt ontspannen bent
  • Je werkt te hard, omdat je het te goed wil doen of wil compenseren voor je ondermaatse prestaties
    • Je trapt voortdurend op de rem, waardoor je vaak niet op je best bent en onder je niveau werkt

    Test jezelf: heb jij last van het bedriegerssyndroom?


    Beantwoord de volgende vragen met: nee, ja of soms wel/soms niet:

    1 Het kan soms lang duren voordat ik iets inlever, ik heb de neiging om zaken maar te blijven verbeteren.

    2 Ik ben soms verrast over de reactie van anderen, die veel positiever over mijn resultaten zijn dan ik.

    3 Ik denk weleens ”dat ik hier werk in deze functie, is een grote grap. Als ze weten wat ik echt kan, lachen ze zich krom”

    4 Ik voel mij in overleg vaak geremd omdat ik denk dat anderen het beter weten.

    5 Ik ben bang om een vraag te stellen omdat ik denk dat anderen het een domme vraag zullen vinden.

    6 Ik denk vaak dat ik vooral veel mazzel heb gehad als zaken lukken.

    7 Ik fantaseer weleens over een stap naar een heel eenvoudige functie, omdat ik denk

    dat ik daar beter tot mijn recht kom en minder stress ervaar.

    8 Ik heb de neiging mijn eigen werk en resultaten te bagatelliseren: “Het stelt allemaal niet zoveel voor”

    9 Kritiek komt eigenlijk altijd heel diep bij mij binnen.

    10 Ik vind dat ik eigenlijk altijd competent en in control moet zijn.

    11 Ik ben regelmatig teleurgesteld in mijzelf

    12 Ik ben na mijn werk vaak aan het piekeren over hoe ik zaken heb aangepakt

    13 Ik ben regelmatig boos op mijzelf, dat ik zaken over het hoofd gezien heb of gewoon stom heb aangepakt.

    14 Ik kijk vaak tegen anderen op.

    14 Ik voel mij vaak de junior, ook al ben ik best ervaren.

    15 Ik denk dat ik nog veel moet leren.

    16 Ik verzin soms smoezen om iets wat ik moeilijk vind uit de weg te gaan, terwijl ik eigenlijk wel weet dat ik het kan.

    17 Het kan soms lang duren voordat ik aan iets begin; ik heb het idee dat ik met betere ideeën moet komen en blijf zoeken.

    18 Ik zou beter moeten onderhandelen als het aankomt op mijn salaris, de inhoud van mijn werk of mijn doorgroeimogelijkheden.

    Uitslag:

    Minder dan 4 keer ja gescoord en ook niet meer dan 4 keer soms wel/soms niet: de kans dat je het bedriegerssysndroom hebt, is niet groot. Mooi, hoef je het artikel op 22 mei op onze website www.loopbaanonderhoudsgroep.nl over een niet-therapeutische aanpak van het Impostersyndroom niet te lezen.

    Voor iedereen die vaker dan 4 maal ja of soms wel/soms niet gescoord heeft: help jezelf en lees verder hoe je zelf stappen kunt zetten om van het Impostersyndroom af te komen.

Lees verder
 

In 10 stappen voor jezelf opkomen op een opgewekte manier

02-05-2017

Baal jij er al een tijd van dat je lager ingeschaald bent dan je collega, zie je hoe alle leuke klussen naar je collega gaan of word je af en toe hoorndol van de collega die je van je werk afhoudt? Veel mensen, waaronder vooral vrouwen, vinden het lastig om in gesprek te gaan over moeilijke onderwerpen op hun werk, omdat zij bang zijn dat ze gaan huilen. Ook mannen en vrouwen die niet huilen, stellen lastige gesprekken vaak uit.

Deze angst om te gaan huilen zorgt er ook vaak voor dat ze in een vicieuze cirkel terechtkomen. Omdat ze angstig zijn stellen ze het namelijk uit, waardoor de frustratie hoger op loopt en de kans dat ze gaan huilen alleen maar groter wordt.

Heb jij ook van die onderwerpen op het werk die je liever uit de weg gaat, omdat ze je raken?
Als je geen signalen afgeeft of sub assertief af en toe wat mompelt, is de kans groot dat de verhoudingen alleen maar schever gaan groeien. Dit resulteert in de situatie dat jouw collega of manager denkt dat jij het wel oké vindt en de problemen niet serieus neemt. Maar hoe kom je uit deze vicieuze cirkel? Ik geef tien realistische stappen hoe je dat aanpakt.

Kanaliseer je negatieve energie om tot een actie te komen. Sta daarom even stil bij de momenten van frustratie en verbeeld je hoe de situatie zich zal ontwikkelen als je niets doet.

Zie in dat niets doen is ingegeven vanuit je kortetermijnbelang en probeer beter en duurzamer voor jezelf te zorgen.

Een goede voorbereiding is het halve werk. Jouw collega of manager heeft vaak ook vooroordelen bij jouw gedrag. Het is mogelijk dat diegene extra weerstand gaat bieden en diegene weet wellicht ook waar jouw gevoeligheden liggen. Diegene zal jou dus onder druk kunnen zetten, door bijvoorbeeld te zeggen ”Als jij het niet wil doen, dan vraag ik je collega wel, maar dan hoef je voortaan ook niet meer bij dit overleg te zijn.” Denk ook alvast na over de belangen van de ander en de drukmiddelen die gebruikt zouden kunnen worden.

Maak jezelf minder bang, denk ook eens na over de vraag waar je het meeste bang voor bent als het misgaat. Is dat bijvoorbeeld ruzie of ontslag? Misschien maak je jezelf wel veel banger dan nodig is. Ben je wel zo gemakkelijk te ontslaan? Denk bijvoorbeeld aan jouw goede beoordelingen en de vele dienstjaren.

Bouw consequent aan een realistisch en duurzaam zelfbeeld. Stel jezelf elke dag de vraag: wat ging er goed vandaag en wat zegt dat over mij? Dan valt je waarschijnlijk op dat je vaker de kritiek en missers hebt opgeslagen dan jouw behaalde successen.

Zie het als een spel: een beetje duwen en sjorren zoals jongetjes op de basisschool met elkaar doen rond hun eigen positie. Zonder teveel nadenken gewoon durven zeggen wat je wilt of voelt, zoals: “Nou, die baan (of klus) lijkt mij wel wat.” Dit doe je zonder dat je ervoor gevraagd wordt of zelfs als je weet dat jouw senior collega de baan ook graag wil. Of: “Nee hoor, daar heb ik geen zin in”, als het gaat om een nederig klusje dat voor jou niet of nauwelijks toegevoegde waarde heeft. Of als je baas op je aan het inpraten is om in iets mee te gaan wat jij niet wilt: “Joh, wat zeg je nou allemaal voor gekkigheid?” Zie het dus als een spel. De ander probeert wat en jij duwt terug vanuit jouw belang. Laat je dus niet intimideren.

Denk ook eens aan je maatjes op je werk. Misschien wil jij iets bereiken, maar heb je meer kans als je het samen doet. Ook kan je proberen ervoor te zorgen dat je de zegen hebt van een zwaargewicht in de organisatie.

Kruip niet in de slachtofferrol, zoals bijvoorbeeld: “Dat hij of zij nu zo tegen me doet, na alles wat ik altijd doe…” Gewoon doen of je neus bloedt en ondanks jullie aanvaring lekker kletsen over het weekend. Die ander heeft namelijk ook zijn eigen doelen, logisch natuurlijk.

Hanteer eens bewust een pokerface als je enge dingen doet, zoals aangeven dat je iets niet doet. Die fysieke ervaring maakt het dan ook minder gevoelig.

Als je het lastig vindt om voor jezelf op te komen, bedenk dan dat je er ook voor wordt betaald. Soms gaan dingen juist mis als mensen hun mening voor zich houden en hun collega’s of baas niet durven tegen te spreken. Dat was bijvoorbeeld het geval bij de Titanic. We weten allemaal hoe erg dit mis ging.

Lees verder
 

Is het een ramp als jij ooit ontslagen zou worden?

21-04-2017

Ons gevoel en gedrag wordt vaak bepaald door overtuigingen waarvan we ons niet echt bewust zijn. Bijvoorbeeld de gedachte dat het een ramp zou zijn als je ontslagen zou worden. Je denkt dat het dan nooit meer goed zal komen, dat je dat kostte wat het kost moet voorkomen.

Deze gedachte zorgt ervoor dat je te voorzichtig wordt, dat je bang bent om de verkeerde dingen te doen en te zeggen. Het maakt je in het werk flets en minder assertief. Want spreek je maar eens onomwonden uit, als je tegelijkertijd wilt uitsluiten dat het tot een probleem of zelfs jouw ontslag leidt. Herken jij ook dat je jezelf te vaak afremt? Wat zeg jij eigenlijk tegen jezelf over het risico van een ontslag?

Hieronder een korte benadering van deze verstarrende angst met behulp van de RET-methodiek, omdat je op deze manier meer grip op je angsten kunt krijgen. De RET-methodiek staat voor rationeel emotieve therapie. Deze methodiek zorgt ervoor dat je niet onnodig op de rem staat, meer rust ervaart en anderen vaker mee kunt laten genieten van jouw kwaliteiten! Een voorbeeld om daarna zelf aan de slag te kunnen gaan:

Zicht op onbewuste overtuigingen
Toets jezelf eens met een RET abc’tje. Ga terug naar een moment waarop je in je werk iets anders aanpakte dan je wilde, een moment waarop je op de rem trapte. We noemen dat de A: de situatie.

Bijvoorbeeld:

“Er werd gevraagd wie het project wilde leiden tijdens ons afdelingsoverleg, een ervaring die ik op zich graag zou willen opdoen.”
Vraag jezelf daarna af wat je deed en voelde: de consequenties, de C dus. Bijvoorbeeld:

“Ik stak mijn vinger niet op en voelde me onrustig, een beetje angstig.”
De vraag die je daarna stelt is: wat dacht je toen je jezelf onzeker en een beetje angstig voelde?

“Ik wilde voorkomen dat mijn collega’s en zeker mijn baas, me arrogant vonden.”
Neem niet te snel genoegen met je eerste antwoord, want vaak zitten je onbewuste overtuigingen, die echt voor hartkloppingen kunnen zorgen, daar nog achter. Vraag dus door op simpele wijze: “En dan?”

“En dat ze dan zouden denken dat ik mijzelf overschat. En dat dat het begin van het einde zou kunnen zijn.”

“En dan?”

“Dat ik dan uiteindelijk ontslagen zou worden en op de bank thuis kom te zitten, mijn huis uit zou moeten, geen andere baan meer zou vinden.“

Het mooie van de RET-aanpak is dat je de vinger gemakkelijker op de zere plek kunt leggen. Natuurlijk weet je wel dat je niet zomaar ontslagen kunt worden, maar diep in je hart voelt dat risico toch best groot. Het is goed om je gedachten te toetsen op hun logica en realiteitszin door vragen als:

Komt het vaker voor dat mensen op basis van zoiets ontslagen worden? Loop ik extra risico omdat er van mij al een dossier is opgebouwd? Hoe groot schat ik de kans in dat ik werkelijk ontslagen word?

Het is ook goed om de zwarte bladzijde nu wel eens echt te bekijken, want het valt natuurlijk nooit uit te sluiten dat je wél ontslagen wordt. Stel jezelf dan ook de volgende vragen:

Hoe scoort deze ramp op mijn lijst van levensrampen? (Denk even aan je gezondheid, het welzijn van je familie, etc.)

Kun je je voorstellen dat je, ook als je nooit meer werk zou vinden, nog gelukkige momenten in je leven zult hebben? Hoe zouden die eruit zien?

Zou het mogelijk zijn dat je toch weer manieren zou kunnen vinden om weer een baan te vinden?

Waarschijnlijk ben je op deze manier in staat minder angst te hebben voor potentieel ontslag. Ikzelf heb ook al heel wat mensen meegemaakt die er zelfs allerlei voordelen van in gingen zien. Minder angst helpt je om meer jezelf en op je best te zijn en je uit te spreken als je iets wilt. Probeer jouw ABC eens uit te schrijven. Kom je er niet uit, mail me dan of kijk op de website van de Loopbaanonderhoudsgroep. Daar vind je meer tips om jezelf van de rem af te halen.

Lees verder
 

Aan de slag gaan met je ontwikkelpunten of is het tijd om jezelf te verpotten?

31-03-2017

Of je succesvol bent, hangt voor een belangrijk deel af van de omgeving waarin je werkt. In sommige organisaties, afdelingen of rollen, kom je nooit tot bloei omdat je er domweg niet past. Je krijgt kritiek over je aanpak of over je voorkomen of je hebt het gevoel dat niemand op de afdeling jouw humor begrijpt.

Ben jij een palmpje in Groenland?

Natuurlijk is het een goede zaak om te leren en met ontwikkel punten aan de slag te gaan. Het kunnen er echter ook te veel zijn. Of de discrepantie tussen jou en de ideale medewerker is te groot. Dan is het gewoon niet jouw vruchtbare aarde en is het zaak om op tijd weg te gaan voordat je het leven leidt van een palmpje in Groenland.

Check jouw risico en herken de signalen!

Hoe staat het met jouw risico om te lang te blijven?

Het risico dat je op de verkeerde plek blijft hangen, is het grootst als je
• nog weinig verschillende werkomgevingen hebt gezien
• eerder te maken had met beëindiging van je contract en je je hebt voorgenomen dat je dat niet meer overkomt
• niet zo overtuigd bent van je kwaliteiten
• geneigd bent snel de schuld bij jezelf te zoeken
• een echte doorzetter bent en je wilt bewijzen dat je het wél kunt
• het idee hebt dat je omwille van je CV nooit snel mag opstappen
• het idee hebt dat je erg blij mag zijn met deze baan, want dat je weinig alternatieven hebt

Maar als iedereen het vindt…

Je komt ook vaak in een ingewikkeld proces terecht: de mensen met wie je werkt in een organisatie lijken meestal op elkaar. Ze zijn gebleven omdat ze over bepaalde kwaliteiten beschikken en omdat ze een bepaalde manier van werken prettig vinden. Ze zijn het dus met elkaar eens over wat goed is en wat niet. Kritiek komt dus vaak van meerdere kanten. De kans dat je aan zelfvertrouwen inboet is dan groot en daarmee wordt het ook steeds lastiger jezelf binnen of buiten de organisatie te verkopen. Of zelfs te zien dat je ook andere mogelijkheden hebt.

Ongrijpbare kritiek

Krijg jij kritiek dat je:
• te traag bent, te voorzichtig, te weinig durft door te pakken?
• of dat je juist te weinig oog hebt voor de procedures, veel te snel wilt?
• te weinig zelfstandig bent, of juist teveel je eigen gang gaat?
• te weinig betrokken bent bij je collega’s of juist je eigen doelen uit het oog verliest?

Aan de slag met je ontwikkelpunten of tijd om te verpotten?

Het gaat vaak om fundamentele kritiek, die terug blijft komen. Of juist weinig tastbare kritiek en telkens weer wat anders. Weinig waardering voor wat je wel kunt of geen ruimte om dat te laten zien. Je gaat aan de slag met je ontwikkelpunten en dat is ook helemaal niet verkeerd. Maar feit is dat je je jezelf niet zo gemakkelijk verandert, dat de doelen soms gewoon te ver weg liggen. Dat je beoordelaars ook niet goed kunnen zien wat jij wel toevoegt en hoe je al ontwikkeld hebt, omdat ze echt anders in elkaar steken dan jij. Misschien wil je ook wel niet echt veranderen, omdat de aanpak niet bij je past.

Het risico is groot dat je te lang blijft, en steeds meer gaat geloven dat ze gelijk hebben: dat je niet zoveel kan. Je vergeet waar je ook al weer goed in bent en wat je eigen verlangens zijn. Steek dus op tijd je energie in het verpotten van jezelf om zo weer lekker te wortelen in jouw vruchtbare aarde.

Lees verder
 

Jouw Transitiejaar optimaal benut

17-03-2017

6 tips om je kans te vergroten op een goede loopbaanstap.

Als je weet dat je een stap wilt zetten, maar de tijd hebt, kun je het projectmatig aanpakken door een transitiejaar in te richten. Dat klinkt misschien lang, maar als je nog veel uit te zoeken hebt en je netwerk niet erg op orde is, is dat vaak realistisch.

Sollicitatie-goeroe Aaltje Vincent kwam weer langs op LinkedIn, met de boodschap dat er zoveel krachten zijn die je tegen houden een stap te zetten. Omdat het proces van erachter komen wat je nu precies wilt, waar je op je best bent en waar je kansen liggen nog niet zo gemakkelijk is. En dan hebben we het nog niet eens over het concrete solliciteren. Kortom, het is een echt project. En tegelijkertijd een project dat je niet van tevoren kunt inplannen, omdat je onderweg telkens voor keuzes staat, die weer bepalend zijn voor je volgende stap.

In de vorige column schreef ik al over de grote voordelen van het warm weggaan. Feit is dat veel mensen zich dat onvoldoende realiseren en weinig gebruik maken van de mogelijkheden die ze hebben in deze positie. Hieronder 6 tips om jouw Transitiejaar optimaal te benutten:

1) Maak de mentale overstap, jouw doel staat voorop. Dus werk geen 110% meer, maar ga naar 90%. Als je dat lastig vindt, bedenk dan dat ook je werkgever niet op een gedemotiveerde medewerker zit te wachten. En voer de druk bij jezelf op door goed te kijken naar die collega, die al veel eerder de stap had moeten zetten.

2) Creëer tijd. Een stap zetten kost nu eenmaal veel tijd, vooral om allerlei zaken goed uit te zoeken. Een tip: ga 10 weken lang elke week een halve vrije dag opnemen en werk de andere helft vanuit huis.

3) Kijk goed op intranet en maak gebruik van al die mogelijkheden die de organisatie vaak biedt aan trainingen en andere ondersteuning.

4) Maak er een extravert jaar van. Vertegenwoordig de organisatie in brancheverenigingen, seminaars, trek aan projecten, word spreker. Goed voor jou, goed voor de organisatie.

5) Overweeg om open kaart te spelen. Dat kan nuttig zijn als je bepaalde werkervaringen op wilt doen, contacten nodig hebt of graag coaching wil.

6) Laat je niet onder druk zetten door een einddatum af te spreken, als het enigszins kan. Misschien loopt het wel anders en dan hijgt die datum in je nek.

Lees verder
 

De voordelen van WW (Warm Weggaan)

03-03-2017

Hoe je huidige werkgever je kan helpen aan een nieuwe baan.

Je bent er wel uit: je wilt een stap zetten. Je groeit niet meer echt of bent gewoon minder gemotiveerd aan het raken. Maar je hebt er geen enorme haast mee. Dan verkeer je in een heel fijne positie. Het is belangrijk dat je je dat realiseert, omdat je anders wellicht onvoldoende gebruikt maakt van de voordelen van jouw warme positie.

Warm weggaan staat tegenover het koude afscheid, waarbij je geen gebruik meer kunt maken van wat de organisatie te bieden heeft. Bij voorbeeld de mogelijkheid om intern advies te krijgen, relevante ervaringen op te kunnen doen in projecten, via stages of door vervanging. Maar ook: om deel te kunnen nemen aan interne trainingen, betaalde opleidingsdagen te krijgen en kans te hebben op interne vacatures.

Maar de belangrijkste voordelen zijn misschien wel deze:

• De kruiwagen: als je het open speelt kun je je interne contacten vragen of ze een gesprek kunnen regelen bij iemand uit hun netwerk. Je komt dan op een heel andere manier binnen. Dat kan zowel via een heel sympathieke collega als met de manager die jou eigenlijk weg wil hebben.

• De ambassadeur: je kunt contacten leggen vanuit naam van je werkgever. Om daarmee met allerlei mensen in gesprek te komen, die niet in de selectie stand staan. Die jou welwillend tegemoet treden, omdat ze vanuit gelijkwaardigheid op zoek zijn naar hun voordeel.

Als je eenmaal afscheid hebt genomen (zelfs als je zelf opstapt) is de liefde vaak snel bekoeld en ben je op jezelf aangewezen. Soms is de steun bij het vinden van een nieuwe baan afgekocht via outplacement, maar bijna altijd ben je beter af met de warme variant.

Lees verder

“Ik laat het voortaan allemaal van me afglijden”

19-02-2017

Hoe je wél kunt zorgen dat je minder last hebt van kritiek en botte collega’s.

Louter het voornemen om je vanaf nu minder te laten raken door een collega of manager, werkt zelden. Dat komt omdat je geen aandacht besteedt aan de achterliggende overtuigingen. Als je op dezelfde manier blijft denken, zal de emotionele kracht ervan even groot zijn. Dan is het lastig om je er rustiger, minder gekwetst bij te voelen.

Misschien sta jij ook wel meer op scherp dan handig voor je is. Dat wil zeggen dat je de reactie van de ander te snel interpreteert als een vorm van afwijzing of minachting, terwijl er soms iets heel anders aan de hand is. Bij voorbeeld:
• Je manager snoert jou regelmatig de mond in vergaderingen, maar doet dat soort dingen bij anderen ook, dat is gewoon zijn ongeduld.
• Een collega heeft gezegd dat hij jou ingewikkeld in de omgang vindt (maar feit is dat jij hem al langer een zeurpiet vind).
• Je zit ziek thuis na een conflict en er belt bijna niemand om te vragen hoe het met je gaat (waarschijnlijk vooral omdat ze ook niet goed weten wat ze met de situatie aan moeten).

Vaak leidt het idee dat we mogelijk afgewezen worden tot 2 sterke emoties: boosheid en verdriet. Als psycholoog met affiniteit met de cognitieve therapie, denk ik dat de sleutel voor een betere manier van hiermee omgaan ligt in de achterliggende overtuigingen.

1) Boos met een achterliggende gedachte in de trend van: “jij mag mij zo niet behandelen, want dat heb ik niet verdiend”
2) Verdrietig met als achterliggende gedachte: “als jij zo tegen mij doet, voel ik mij minderwaardig”.

Deze gevoelens versterken elkaar vaak ook nog eens. We denken dan: ”jij mag mij niet dit pijnlijke gevoel van minderwaardigheid geven. Ik haat het. En dus haat ik jou”.

De oplossing zit in het proberen, van anders denken. Dat gaat niet in één keer, dat moet je trainen, maar dát het helpt is wetenschappelijk bewezen. Niet anders denken in de zin van “ik trek me er niets meer van aan”, maar echt wezenlijk anders. Een voor jouzelf meer gezonde manier van denken bevat de volgende elementen:
• ‘Zolang het binnen de wet en de regels is, mag jij doen wat je wilt.
• Ook als jij mij afwijst, maakt dat mij nog niet minder.
• Jouw oordeel is ook maar beperkt en gekleurd door jouw ideeën/persoonlijkheid.
• Hoewel ik het fijner vind als onze relatie goed is, kan ik ermee leven als jij niet positief over mij denkt of wanneer de relatie zou stoppen.
• Ik ga er namelijk niet aan dood.
• Daarom kan ik uitzoeken wat jouw bedoeling was, of ik het wel goed geïnterpreteerd heb.
• En dan zelf bepalen wat ik met de relatie wil’.

De essentie is dus dat je je minder afhankelijk maakt van het oordeel van de ander, het ziet als een van de vele stukjes feedback die je krijgt in je leven.

Nog 2 andere tips om beter om relaxter in het leven te staan bij potentiële afwijzing:
• Meer en bewuster stil staan bij de vraag: wat wil ik zelf?
• Meer oefen in het verdragen van het idee dat anderen negatief over je denken.

Zeg eens gewoon “nee” als je ergens geen zin in hebt, wetend dat die ander zal denken dat je lui bent. Of roep eens hard hoe laat het is in de tram, wetend dat er zeker mensen zijn die denken dat je ze niet allemaal op een rijtje hebt. Klinkt gek, maar soms moet je gekke dingen uitproberen om af te komen van iets wat vaak behoorlijk vast in je denken verweven is. En je leven toch een stuk minder licht maakt.

Lees verder
 

Als je fantaseert over het vertrek van je baas

03-02-2017

Wat je kunt doen als je van je werk houdt, maar niet van je manager.

Het is de meest genoemde reden om een stap naar buiten te willen zetten: je hebt geen goed contact met je manager. Het lijkt wel of hij/zij overal kritiek op heeft of je hebt het gevoel dat je veel te weinig gezien wordt. Waarschijnlijk vind je hem/haar ook incapabel en een narcist, want zo gaat dat in het algemeen als je je gekwetst voelt. En mogelijk is hij/zij dat natuurlijk ook. Maar realiseer je wel dat je vanuit die gekwetstheid geneigd bent om de ander hard te veroordelen. En er dan weinig ruimte is om de relatie te verbeteren.

8 manieren om een vastgelopen relatie met je manager een nieuwe kans te geven:

1. Laat je niet onnodig kwetsen. Dat hij/zij je manager is, maakt nog niet dat het oordeel over jou klopt. Het is natuurlijk onpraktisch dat het nu juist jouw baas is die niet positief over jou is, maar zie het als een van de vele beelden over jou. Dat maakt het minder zwaar.

2. Probeer te snappen waar je manager zich zorgen over maakt. Als je manager onder druk gezet wordt door zijn manager over het aanleveren van de cijfers, zorg dan dat die van jou in ieder geval op tijd zijn.

3. Klinkt onlogisch, maar kan verrassend goed werken. Probeer samen met hem of haar klussen te doen of met elkaar iets op te pakken waarbij jullie beide kunnen scoren.

4. Hou op je manager te overtuigen van iets dat in potentie riskant of slecht voor hem is, bijvoorbeeld dat jij voortaan bepaalde taken overneemt, waardoor hij/zij zijn eigen positie uitholt.

5. Bied je manager meer zicht op je kwaliteiten, Misschien gaat het wel tegen je gevoel in van ‘doe maar gewoon’, maar realiseer je dat het vaak lastig is om te zien wie welk aandeel in iets heeft.

6. Vind uit wat jullie gemeen hebben.

7. Zorg dat je niet afhankelijk wordt. Investeer in contacten op andere afdelingen en buiten deze organisatie. Hoe wanhopiger je bent, hoe minder je de relatie kunt sturen.

8. Praat niet over je manager achter zijn/haar rug. Of maak in ieder geval vooraf de inschatting of dat je iets gaat opleveren. Soms kan het werken je baas onder druk te zetten door in gesprek te gaan met de baas van je baas.

9. Meer lezen? Zie dan het boek: Hoe groen is jouw gras?

Lees verder

Als je werkgever niet meer voelt als jouw organisatie

22-01-2017

Niet meer trots op de organisatie, maar je houdt wel van je werk, of je collega’s.
Misschien is de organisatie veranderd, misschien ben jij veranderd en meest waarschijnlijk, zijn jullie beide veranderd: en nu past het niet meer. Je kunt je niet meer vinden in de keuzen die worden gemaakt, ergert je aan allerlei zaken en bent allang gestopt met enthousiast spreken over je werkgever op feestjes. Wat kun je doen om te zorgen dat het jouw leven niet verpest?

1) Richt je op de inhoud van je werk. Denk terug aan wat je eerder zo bevredigend vond. Misschien kun je weer meer bewust genieten als je je vooral richt op je klanten of patiënten.
2) Spreek met eerlijke vrienden over hun werk en werkgever. De kans is groot dat ook bij hen de buitenkant mooier is dan zij dat van binnenuit ervaren. Dat kan jou weer helpen te relativeren.
3) Ga echt op zoek naar alternatieven: spreek met mensen uit je netwerk in het kader van jouw oriëntatie. Daarmee sla je meerdere vliegen in één klap: je krijgt meer zicht op eventuele mogelijkheden en je zaait kansen. En als het tegenvalt, zou het zomaar zo kunnen zijn dat je je weer meer tevreden voelt over je huidig werkgever.
4) Zorg dat je elders dingen doet waar je trots op kunt zijn.
5) Probeer te sturen op het beleid, via je manager of de OR.
6) Blijf niet hangen in de korte termijn bevrediging van het contact met collega’s die net zo teleurgesteld zijn als jij. Dat lijkt even fijn, maar uiteindelijk krijg je er, net als met kauwgom, na een tijdje toch een rotsmaak van in je mond. Kortom: zoek naar meer oplossingsgerichte collega’s.
7) Kijk of je een dag minder kunt werken en bouw ondertussen aan je eigen plannen.
8) Neem een jaar om een overstap te maken en gebruik dat jaar om je aantrekkelijkheid voor de markt zoveel mogelijk te vergroten.
9) Wees eerlijk naar jezelf: waarom zit je er nog? je ervaart de grootste druk als je je gevangen voelt. Het ligt het meest voor de hand je werkgever daarvan de schuld te geven. Maar is dat wel zo; kun je echt niet weg of op een andere manier sturen? Als angst je gevangen houdt, zoek dan externe hulp om beter voor jezelf te zorgen.

De tips en de scan staan uitgebreider beschreven in het boek: Hoe Groen is jouw Gras, de Bruine/Bender, Academic Service, 2015.

Lees verder

Heb je het gevoel dat je ontwikkeling stil staat? 7 tips om weer vooruit te komen

05-01-2017

In de vorige column heb ik een verkorte scan beschreven waarmee je kunt checken hoe je er momenteel voor staat in je werk: waar gaat het fijn en waar liggen de pijnpunten? In de komende serie columns ga ik in op de vijf belangrijkste pijnpunten. Om te beginnen: een stagnerende ontwikkeling. Van jou dus.

Er kunnen verschillende oorzaken voor zijn; wellicht is er te weinig geld beschikbaar. Of je werkgever investeert niet veel geld in de ontwikkeling van medewerkers of jij zit in de hoek waar weinig in geïnvesteerd wordt. Kortom, je ontwikkeling stagneert en ambitieus en leergierig als je bent, heb je het gevoel niet aan je trekken te komen.Wat kun je in een dergelijke situatie doen?

Zoek interessante mensen in de organisatie op en onderzoek of je iets met hen kunt doen. Een project, een dag meelopen, een keer brainstormen over mogelijkheden.

Check je persoonlijk opleidingsbudget of het afdelingsbudget en kom met een plan. Vaak is er meer mogelijk dan je denkt, zeker als je zelf mee betaalt.

Wacht niet op je werkgever, maar investeer in jezelf. Als je onderzoeken erop naslaat blijkt dat investering in opleiding zich meestal dubbel en dwars terugbetaalt.

Check bij welke organisaties je werkgever is aangesloten (bijvoorbeeld een branchevereniging, VNO-NCW) en welk aanbod er is aan gratis seminars/intervisiegroepen. Ook bedrijven die voor jouw bedrijf werken (bijvoorbeeld opleiders) hebben vaak leuke bijeenkomsten.

Probeer de organisatie te vertegenwoordigen in een project met externen. Of probeer spreker te worden op een seminar. Leuk voor jou en je werkgever.

Als je zeker weet dat je te zijner tijd weg wilt gaan dan kun je ook overwegen om een deal te maken. Dan maak je er een transitiejaar van en maak je de afspraak om meer tijd en geld te krijgen voor je ontwikkeling om daarna de stap naar buiten te zetten. Vaak voor beide partijen veel gunstiger dan een outplacementregeling.

Verwacht niet alles van je baan. Soms is dit het gewoon en is er alsnog reden genoeg om in deze baan te blijven. Neem de saaiheid voor lief en geniet van de voordelen die de baan biedt. Op deze manier geeft het jou de tijd voor verbreding buiten je werk: door je te verdiepen in het Chinees, viool te spelen of je eigen groente te kweken in je volkstuin.

Dit is de eerste van een korte serie over actie die je kunt nemen als je (soms) baalt van je baan. De tips en de scan staan uitgebreider beschreven in het boek Hoe Groen is jouw Gras van De Bruine & Bender, Academic Service 2015

Lees verder
 

Gaat het nog de goede kant uit met jouw loopbaan?

21-12-2016

21 essentiële vragen om in de vakantie onderhoud aan jezelf te plegen

Vaak hoor ik: “Ik ga wel met mijn loopbaan aan de slag als het nodig is”. Vanuit mijn positie als loopbaancoach, zie ik de gevolgen. Ik kom regelmatig mensen tegen die liefst nú weg willen of moeten, maar er nog nauwelijks mee bezig zijn geweest. Ze hebben daardoor vaak te weinig tijd om een goede stap te kunnen zetten. Erachter komen wat je eigenlijk wilt, waar kansen liggen, je netwerk uitbreiden, jezelf aantrekkelijker maken voor bepaalde functies door ervaring en kennis: het vergt tijd.

Bezig zijn met je werktoekomst schiet er gemakkelijk bij in, geduldig wachtend in de categorie ‘belangrijk, niet urgent’. Met deze check-up help ik je doelgericht de verschillende aspecten van jou in je werk te verkennen. Het je zo gemakkelijker te maken, in de hoop dat je je laat verleiden er ook mee aan de slag te gaan als het niet urgent is.

Gun jezelf eens een paar uur om met deze essentiële vragen aan de slag te gaan, lekker bij de kerstboom met een glas wijn. Nu eens even stil staan bij jou en je werk helpt je om beter te sturen, geen kansen te missen en de rest van het jaar minder onrust te voelen. Pak pen en papier en ga aan de slag met de onderstaande 21 vragen:

Je huidige situatie:
1. Loop je nog warm voor de inhoud van je werk?
2. Zien (relevante) anderen jouw kwaliteiten?
3. Heb je je het afgelopen jaar kunnen ontwikkelen?
4. Kun je lachen met je collega’s?
5. Vertrouw je je manager?
6. Ben je er trots op om bij deze organisatie te werken?
7. Heb je binnen de organisatie de komende 2 jaar een aantrekkelijk perspectief?
8. Ben je tevreden met de afspraken die je hebt gemaakt (salaris, te behalen resultaten)
9. Heb je ‘avonds nog energie voor andere zaken?


Je verlangens:
10. Wat is er belangrijk voor je (geworden) het afgelopen jaar?
11. Wat wil je in ieder geval niet meer?
12. Wat wil je de komende jaren nog leren en uitproberen?
13. Wat wil je nog geven en meer benutten van jezelf?

Jij als product op de arbeidsmarkt:
14. Wat koopt een werkgever met jou in?
15. Wat voeg jij toe aan een team en/of een organisatie?
16. Waarin ben je dit jaar beter geworden?
17. Voor wie ben jij interessant?

De staat van je onderhoud:
18. Heb je een globaal Plan B voor als je weg wilt of moet?
19. Heb je een netwerk dat groot en goed genoeg is om je (via de tweede lijn) verder te helpen?
20. Lukt het je om tot acties te komen of rem je jezelf af?

Te nemen actie:
21. Wat betekenen deze antwoorden voor nu: waar kun je en/of moet je nu bijsturen? Wie kan je helpen?

In de volgende columns zal ik terugkomen op concrete acties die je kunt nemen. Maar met gezond verstand kom je ook al een eind.

(Voor de gehele vragenlijst en suggesties voor acties, zie: Hoe Groen is jouw Gras? ,De Bruine/Bender, Academic Service 2015)

Lees verder
 

Een stap terug moeten doen en toch weer werken met plezier, hoe doe je dat?

15-12-2016

Hans is een opgewekte man, nu weer tenminste. De afgelopen maanden had hij het lastig. Maar nu heeft hij weer zin in zijn werk en in het leven in het algemeen. Hans heeft geleerd te dealen met hetgeen hem in zijn werk overkomen is.

In een wat onduidelijke combinatie van een reorganisatie en een negatieve beoordeling raakte Hans zijn baan kwijt als leidinggevende van de afdeling Client Support. Deze rol kwam te vervallen en Hans zou direct onder de commercieel directeur in een zelfsturend team aan de slag gaan.
Ze nemen me in de maling
Kort daarvoor had hij, in zijn beleving geheel vanuit het niets, al een negatieve beoordeling gekregen. Vrij snel na de aankondiging dat zijn functie weggeorganiseerd wordt, wordt iemand van buitenaf aangetrokken voor een functie die verdacht veel op zijn oude functie lijkt, constateert Hans. Hij voelt zich bedonderd. Tot overmaat van ramp komt hij erachter dat sommige van zijn medewerkers al eerder op de hoogte waren van zijn gedwongen terugtreden, dan hijzelf.

Hans voelt zich vernederd en afgedankt. Hij wil zo snel mogelijk weg en overweegt juridische stappen te ondernemen. Maar dan, op een dag krijgt hij het niet meer voor elkaar om zijn bed uit te komen; hij blijft huilen en voelt zich doodmoe.

Van vooral boos naar vooral levenslust
Aangemoedigd door zijn omgeving blijft hij een tijdje thuis en wandelt hij meer dan in de 20 jaar daarvoor. Langzaam voelt hij de levenslust weer terugstromen in zijn lijf en lukt het hem ook anders te gaan denken. In plaats van de vele varianten op: “Ze mogen mij zo niet behandelen” komt de gedachte: “Het is niet fijn dat het zo gelopen is, maar het is niet het einde van mijn leven” en “ze denken maar over me wat ze willen op mijn oude afdeling, dat maakt mij nog niet minder”. Hij neemt zelf het initiatief tot een gesprek en gaat weer aan de slag, en start met halve dagen.

In overleg met een interimmanager spreekt hij af om de invoering van het nieuwe systeem te begeleiden. Ondanks dat hij iedereen weer onder ogen moet komen en er dus tegenop ziet, pakt het goed uit. Het feit dat hij de tijd heeft om zich te concentreren op taken, maakt hem erg blij. Hij heeft gesolliciteerd op andere managementfuncties buiten de organisatie, maar begint zich steeds meer af te vragen of hij nog wel zo’n zware functie wil.

Beter voorbereid op de toekomst. Wat die ook mag zijn.
Hoe het verder zal lopen, weet hij nog niet. Misschien zal Hans later alsnog de stap zetten, maar wellicht blijft hij de komende jaren met veel plezier in zijn nieuwe functie werken. Voorlopig heeft Hans het in zijn huidige rol beter naar zijn zin gehad dan de afgelopen jaren. Doordat er wel echt een plek voor hem was, maar vooral doordat het hem zelf lukte om niet te blijven steken in zijn boosheid en door oplossingsgericht te handelen, kan hij weer verder. Hij is wel zo slim om ondertussen ook alert te blijven op zijn mogelijkheden buiten en binnen zijn netwerk. Als hij alsnog ontslagen wordt of weg wil, liggen zijn kansen helemaal niet zo slecht.

Lees verder

Loopbaanonderhoud en de kunst van het Kaizen

21-11-2016

De Amerikaan Robert Maurer, hoogleraar psychologie aan de medische faculteit van de universiteit van Los Angeles, schreef er een boek over. Het is een alternatief voor de strategie van: ‘van nu af aan moet alles anders’, die leidt tot uitstelgedrag en frustratie. In zijn boek gebruikt hij voorbeelden uit zijn eigen praktijk. Zo beschrijft hij ene Julie, een alleenstaande moeder van twee kinderen. Ze had veel moeite om financieel het hoofd boven water te houden. Julie was veel te dik en wilde graag afvallen. Maar alle pogingen mislukten.

Een klein comfortabel stapje
Robert Maurer pakte het anders aan. Hij vroeg haar: “Lukt het je om elke dag één minuut te lopen voor de tv?” Langer mocht ook niet. Dat lukte haar en van daaruit groei het verlangen naar meer en het geloof dat het mogelijk was om dat in haar drukke leven in te passen. Ze had haar angst omzeild en kon er weer creatief en oplossingsgericht over nadenken.

Je hersenen niet alarmeren
Robert Maurer beschrijft hoe onze hersenen bij angst direct in de vlucht/vecht-modus schieten. In feite gaat er een alarmsysteem af, dat andere functies, zoals creatief nadenken, stil legt. Heel nuttig als er groot gevaar dreigt, waar je alleen van weg hoeft te blijven, maar niet fijn als er echt iets moet gebeuren.

Onbewust van onze angst
Vaak zijn we ons niet bewust van die verlammende angst. Bij Julie betrof het mogelijk haar angst voor de teleurstelling van het (weer) niet volhouden, voor pijn tijdens het sporten, voor het voor gek staan in de sportschool. Als we er eens echt bij stil staan hebben we vaak een heel arsenaal van argumenten. Of het nu om gezonder leven gaat of vaker ‘nee’ zeggen tegen mensen die wat gemakkelijk gebruik maken van jouw welwillendheid.

Vertalen naar jou in je werk
Ook in ons werk stellen we zaken uit, vluchten we in feite. Het uitstellen van het bellen van die lastige klant of het uitstellen van het schrijven van dat rapport. We zijn bang om die klant kwijt te raken, om af te gaan. De Kaizen methode is wellicht niet altijd in te passen, want sommige zaken vergen snellere actie. Ik kan me voorstellen dat het niet werkt om eerst een week elke dag de telefoon een minuut vast te pakken. Maar er zijn genoeg zaken waarvoor het wel kan werken. Elke dag 5 minuten brainstormen over het rapport bij voorbeeld. Niet meer, maar wel elke dag. Dan heb je na een week al meer gedaan dan anders en heb je jezelf mogelijk verleid tot meer.

En jouw loopbaanonderhoud
Het ontwikkelen van een plan B, het nadenken over jouw toekomst, het ontwikkelen van een netwerk. Het zijn allemaal zaken die vaak onderhevig zijn aan uitstelgedrag. En bij uitstek geschikt zijn voor de methode van het Kaizen: geen harde tijdsdruk, maar wel een behoorlijk belang. Jezelf verleiden met miniactiviteiten, zoals 5 minuten op vacaturesites kijken of een LinkedIn uitnodiging te sturen is dan wellicht jouw weg naar een prima onderhoud op jouw loopbaan.

Lees verder
 

Misschien een stapje terug doen?

14-11-2016

Jonge ouders hebben het vaak zwaar, zeker als ze een baan hebben die veel van ze vergt. En laten we eerlijk zijn: het valt ook niet mee om je koortsige kind ‘s morgens toch maar bij opa en oma te brengen omdat ie zo niet naar de crèche kan, te puzzelen aan schema’s die soms gewoon niet passen (“ja, die dag kan ik ook echt niet brengen, hoor”) en na een zware nacht jezelf met sterke koffie wakker te moeten houden bij de vergadering. Dat wetend, uit ervaring of door de verhalen van vrienden en collega’s, staan veel ouders voor de keuze: zet ik een stapje terug en hoe? En dat gebeurt in veel gevallen, en inderdaad ook vooral de vrouwen, die minder gaan werken of een baan kiezen die minder van hen vergt (of allebei).

Voor veel organisaties, onder andere binnen de advocatuur, accountancy, overheid is dat een probleem, omdat ze op die manier te weinig vrouwen hebben voor verplicht gemixte internationale tenders of om hun afspraken ten aanzien van het percentage vrouwen in het management na te komen.

Al jaren geven wij op verzoek van een aantal van deze organisaties soon-to be-mums die daar prijs op stellen, een kort individuele traject, een soort van extra reflectiemoment. Wij laten ons natuurlijk niet gebruiken om op vrouwen in te praten dat ze vooral moeten blijven. Ik heb wel de overtuiging dat het deze vrouwen helpt om met een neutrale buitenstaander hun eigen mogelijkheden onder de loupe te nemen om zo niet ongemerkt en onomkeerbaar op een pad terecht komen, waarop zij weinig kans meer krijgen hun kwaliteiten te benutten.

Voor eenieder waar dit (ooit ) speelt, alvast wat gespreksonderwerpen:

1 Een goed werknest creëren. Als het even kan, een omgeving zoeken die jou goed gezind is, realistische verwachtingen heeft, weet wat je kunt.

2 Nadenken over hoe je de afspraken (thuis) maakt. Hoe zorg je ervoor dat je, als je dat wilt, zaken weer terug kunt draaien? Dat je niet ongemerkt in een dynamiek terecht komt, waarbij je onderhandelingspositie thuis niet gelijkwaardig meer voelt(omdat de salarisverschillen snel groter worden).

3 Nadenken over je taken als parttimer. Hoe voorkom je dat je dat vooral corveeklussen gaat doen? Hoe zorg je ervoor zelf niet te gaan overcompenseren?. Veel parttimers vergeten het belang van rondhangen, terwijl dat toch vaak de manier is om bij de interessante projecten en klanten betrokken te worden.

4 Je stress benutten. Dit is hét moment om af te komen van inefficiënte gewoontes als te vaak ‘ja’ zeggen en perfectionisme. Daar valt veel tijd mee te winnen. Als je er bewust mee aan de slag gaat, kan juist de urgentie van de nieuwe situatie je helpen nieuw denken en handelen aan te leren, dat je niet alleen in deze periode helpt te overleven, maar waarvan je ook de rest van je leven plezier kunt hebben.

5 Ten slotte: denk jij, vrouw, nog helemaal niet aan kinderen, lees dan verder. Veel vrouwen maken een voorzichtige start in hun loopbaan. Ze blijven langer in hun eerste baan en oefenen minder druk uit op hun manager om zich te kunnen ontwikkelen, dan startende mannen. Ooit leidde ik een traject bij een grote accountant om alle starters te begeleiden en op de door ons consequent gestelde vraag: “denk je door te groeien naar de positie van Partner?”, antwoorde de mannen vrijwel allemaal positief, terwijl de meeste vrouwen aangaven dat niet te verwachten. Juist vrouwen zouden in die eerste 10 jaar van hun loopbaan veel verschillende ervaringen op moeten doen, om daarmee hun kans om vanuit een sterke positie bij te sturen als jonge moeder, te vergroten.

Lees verder
 

Ga jij straks ook je baas opvolgen?

23-10-2016

Ik kom het in mijn praktijk vaak tegen: mensen die achteraf van mening zijn dat ze te lang zijn gebleven in hun baan bij die ene werkgever. Mensen die zich realiseerden dat ze veel te lang niet meer echt met plezier hebben gewerkt, zich elke avond doodmoe voelden, een hekel hadden gekregen aan de organisatie of aan hun manager, die allang niet meer warm liepen voor hun taken of niet meer het gevoel hadden mee te tellen.

Het slecht naar je zin hebben op je werk is een sluipmoordenaar voor zelfvertrouwen, energie en geluk. Daarom als vervolg op een vorige artikel waarin het ging over de mix van loyaliteit en angst, nog een ander riskant denkpatroon. En dat is optimisme over interne doorgroeimogelijkheden in combinatie met angst voor externe carrièremogelijkheden.

Regelmatig hoor ik mensen zeggen dat ze nog even niet moeten denken aan een stap naar buiten, met als argument dat ze de verwachting hebben intern door te kunnen groeien en dat hun dat een leuke uitdaging lijkt. Over niet al te lange tijd komt de positie van hun manager vrij want die persoon schuift door of gaat met pensioen. Dus hoewel ze het in de huidige functie niet echt meer naar hun zin hebben is het de moeite waard om daar nog even op te wachten.

Komt deze situatie je bekend voor? Dan stel ik je graag een aantal vragen die je helpen om je eigen kansen in te schatten.

  • Ben jij de enige die in aanmerking komt voor deze positie of zijn er andere kapers op de kust?
  • Is het überhaupt de gewoonte om dergelijke vacatures met een interne kandidaat te vervullen of wordt er eerder gezocht naar iemand van buitenaf?
  • Hoe is jouw huidige positie?
  • Zien de beslissers jouw potentieel, welke signalen krijg je daar over?

Kortom: hoe reëel is jouw kans eigenlijk?

Maar vraag je ook het volgende af:

  • Wil je het eigenlijk wel echt?
  • Wat zijn de voor- en nadelen van de beoogde positie?
  • Zou je naar een dergelijke positie solliciteren buiten de organisatie als dit niet door zou gaan?

Jezelf een eerlijk antwoord geven op deze vragen helpt je om op tijd de juiste actie te nemen en om spijt achteraf te voorkomen. Onderneem stappen om je voor te bereiden op die mogelijke switch. Dus check tijdig wat je kansen zijn, stuur naar het opdoen van ervaring in een managementrol door vervanging in vakantietijd.

En ik weet het, ik zeg dit vaker, bied jezelf ook een alternatief perspectief. Je hebt een Plan B nodig om met een realistische blik naar je situatie te kunnen kijken. Maar ook om stevig genoeg te kunnen onderhandelen als het wel zover komt dat je doorgroeit. En om te voorkomen dat je salaris voorlopig nog even niet meegroeit of dat je ook nog een deel van je oude taken erbij moet blijven doen.

Kortom: optimisme is mooi, maar een realistisch Plan B is beter.

Lees verder
 

Heb jij zicht op je bagage?

01-09-2016

Stel: je trekt de wildernis in, met je rugzak. Je weet alleen niet zo goed wat er in je rugzak zit; je hebt er een beetje een globaal beeld van. Dat voelt onrustig natuurlijk; je weet niet waar jouw overlevingskansen het grootst zijn en wat je vanuit je rugzak kunt gebruiken om er een succes van te maken. Dit is in feite de situatie voor velen van ons op ons werk. We bevinden ons in een omgeving, waarin we regelmatig op de proef gesteld worden, maar hebben ondertussen weinig zicht op ons materieel.

We krijgen nu eenmaal vaak veel meer informatie over onze ontwikkel c.q. verbeterpunten, dan over onze kwaliteiten. Zelfs in positieve functioneringsgesprekken wordt regelmatig het grootse deel van de tijd besteed aan die ‘paar verbeterpuntjes’. Zelden wordt lekker de tijd ingeruimd om eens goed na te denken over wat jou nu zo succesvol maakt in bepaalde situaties.

Het past goed in de Calvinistische traditie om, bij voorbeeld bij de evaluatie van een project, ook zelf vooral te vragen wat je beter had kunnen doen. En zo zijn we allemaal specialist op onze verbeterpunten en amateurs als het gaat om zicht op kwaliteiten. Natuurlijk is het nuttig om goed te weten wat nu precies jouw kwaliteiten zijn en wat je toevoegt aan het team. Daarmee kun je beter sturen naar rollen waarin je op je best bent en is het ook gemakkelijker je tekortkomingen te accepteren. Daarom nu eens geen aandacht voor wat je allemaal vast ook nog te leren hebt, maar de focus op kwaliteiten, met deze oefening uit de positieve psychologie.

  • Als je terugkijkt op wat jij hebt bereikt, waarop ben je dan het meest trots?
  • Wat zegt dat succes over jou?
  • En wat nog meer?

Het grappige is dat je deze oefening gewoon ook elke dag even kunt doen; over wat je vandaag bereikt hebt. Het hoeft allemaal niet persé zo groot; ook het gegeven dat je toch maar mooi die lastige klant hebt gebeld, zegt iets over jou. Dat je de confrontatie niet uit de weg gaat, bij voorbeeld, en oog hebt voor de relatie. Dat zit maar mooi in jouw bagage.
Of probeer deze oefening eens om meer zicht te krijgen op wat zorgt dat jij bepaalde dingen goed kan:

Oefening: Inzicht uit dieptepunten
Ieder leven kent tijden waarin het leven zwaar was, we het moeilijk hadden. Maar juist in zware tijden leren we vaak tot dan toe onbekende kanten van onszelf kennen of ontwikkelen we nieuwe kwaliteiten. Blik eens terug op jouw zware tijden, zowel privé als in je werk.

Wat hebben die dieptepunten jou uiteindelijk aan inzichten en kwaliteiten opgeleverd? Welke kracht/potentie heb je mogelijk bij jezelf ontdekt?

Lees verder

Last van uitstelgedrag

19-07-2016

De avond voordat je notitie ingeleverd moet worden, ben je nog tot diep in de nacht bezig, omdat het toch (natuurlijk) blijkt tegen te vallen. De ochtend voor je presentatie zit je nog druk van alles te veranderen en maak je toch nog maar snel een paar Power Points. Maar je weet dat het goed komt en je hebt wel wat extra stress, maar niet overmatig. Kortom, het is misschien niet ideaal, maar het gaat eigenlijk best.
Echt last van uitstelgedrag, heb je:

  • Als je in de dagen voordat iets opgeleverd moet worden, echt veel stress ervaart (je je bijna ziek voelt)
  • Je het regelmatig ook niet voor elkaar krijgt zaken op tijd te leveren en daardoor in de problemen komt
  • Smoezen gaat verzinnen om zaken die je eigenlijk wel wil en kunt, uit de weg te gaan (je zegt bij voorbeeld dat je te ziek bent om een presentatie te geven of in de jury te zitten)
  • Je jezelf om de oren slaat met zelfverwijten en dus inboet aan zelfvertrouwen

Je kunt jezelf veranderen, dat is het goede nieuws. Ook zonder lang op de divan te liggen bij de psychiater en ook zonder de lagen van je persoonlijkheid af te pellen. Uitstelgedrag is een gewoonte die je jezelf hebt aangeleerd om zo min mogelijk last te hebben van nare gevoelens. Maar soms kom je op een punt dat het niet meer werkt. Omdat je baan zoveel drukker is geworden of omdat je een gezin hebt waardoor je je die nachten doortrekken niet meer kunt permitteren. Dan is het zaak je eigen achterliggende overtuigingen beter te leren kennen en bewust anders te gaan denken en kleine experimenten te doen met nieuw gedrag (dus niet persé in 1 keer het roer om).
Uitstelgedrag wordt in de volgens de RET-methodiek (veelgebruikte therapievorm) gezien als een combinatie van twee manieren van ongezond denken:

LFT, lage frustratietolerantie
Dat wil zeggen, je denkt al snel: “dit is te zwaar voor mij, ik kan dit nu niet aan”
Of in varianten: “het lukt mij nu echt niet om me te concentreren op deze taak, ik kan het er nu echt niet bij hebben, ik heb nu eerst mijn rust nodig.”

Perfectionisme:
Dat wil zeggen: dat je geneigd bent te denken: “dit moet echt helemaal goed zijn, ik moet echt een heel goede originele invalshoek hebben, niemand mag het saai of oninteressant vinden”

Door je perfectionisme wordt de drempel om eraan te beginnen alleen maar hoger, want je weet, je moet echt op je allerbest zijn om dit te kunnen doen. Veel mensen wachten ook te lang op het moment waarop ze een geniale inval zullen krijgen, waardoor alles vanzelf zal gaan.

Stappen die je kunt zetten:

  • Besef hoe je aan het denken bent en stel jezelf de vraag of het wel klopt wat je hier denkt. Klopt het wel dat je in de periode ervoor echt niet kunt opbrengen er iets aan te doen? Hoezo dan: val je dan uit elkaar? Ga je overgeven?
  • Stel jezelf ook de vraag of het klopt dat het helemaal perfect moet zijn? Kan dat überhaupt? Hoe erg is het als dit een zesje of zelfs minder zou worden?
  • En ook: helpt dit denken mij verder naar mijn doelen, dat wil zeggen; nu een goed resultaat leveren, maar ook zoiets als op een duurzame manier met mijzelf omgaan?
  • Zorg voor een meer gezonde overtuiging: zoiets als: “” Ik ga ruim vooraf korte stukjes tijd inplannen om eraan te werken, dat kan ik verdragen. Waarschijnlijk is mijn resultaat dan beter dan wanneer ik het op het laatste moment doe en sowieso ga ik dan gezonder met mijzelf om. Gegeven mijn eerdere ervaringen is de kans groot dat ik dit voldoende zal kunnen en zelfs als het niet goed zou gaan, betekent dat niet dat ik het niet opnieuw zal kunnen proberen.”
  • Probeer dingen uit: maak kleine beginnetjes, ruim op tijd. En als perfectionisme vooral jouw bottleneck blijkt te zijn: probeer ook eens bepaalde zaken minder goed voor te bereiden (eerst in minder belangrijke situaties) en ervaar wat imperfectie je kan opleveren.
  • Sta stil bij je successen op dit gebied, maak ze belangrijk, bedenk dat deze stapjes je helpen om een veel fijner en gezonder leven te leiden.
Lees verder

Als vaste coach NRC Carriére

07-07-2016

Stel, je hebt een manager die je telkens weer opscheept met allerlei extra werkzaamheden, waardoor je regelmatig gefrustreerd de hele avond doorwerkt. Je sport niet meer, ziet de kinderen eigenlijk alleen nog in het weekend en denkend aan vakantie, verlang jij vooral naar heel veel slapen. Hoewel iedereen best hard werkt op kantoor, span jij misschien wel de kroon: jij maakt wel heel veel uren. Ondanks je voornemens lukt het je telkens niet een keer "nee" te zeggen.

Meer ontspannen werken voor love junks
De kans is groot dat je, zoals zovelen van ons, last hebt van love junk denken. Dat je, het woord zegt het al, soms dingen doet die niet gezond voor je zijn, omwille van de ’liefde’, de waardering van de ander. Je zegt tegen jezelf dat je moet voorkomen dat je hem of haar teleurstelt. Of dat je echt niet wilt dat er een conflict komt. De kans is groot dat je echt ongezond hard werkten te weinig opkomt voor je belangen om maar ver uit de buurt te blijven van datgene waar je voor vreest.

Dat denken doorbreken, is niet eenvoudig. Simpelweg tegen jezelf zeggen dat je nu beter voor jezelf gaat zorgen, echt zoiets wat je jezelf in de vakantie voorneemt, gaat je waarschijnlijk niet helpen om op het moment suprême echt nee te zeggen. Daarvoor zal je eerst meer zicht moeten hebben op de overtuigingen die, vaak onbewust, je gedrag bepalen.

De methodiek die je hierbij kan helpen is de RET (Rationeel Emotieve Training), een veelgebruikte methode die je kan helpen anders de veelheid aan gedachten en gevoelens te ontwarren. Vaak draaien je gedachten een beetje in cirkeltjes rond en ben je afwisselend boos op jezelf en je baas, verdrietig over dat er zo weinig begrip voor je is.

Misschien maak je je wel zorgen dat het teleurstellen van je baas betekent dat je geen goede opdrachten meer zult krijgen.
Of vrees je dat je een negatieve beoordeling krijgt, met alle gevolgen van dien. Door meer zicht te krijgen op achterliggende overtuigingen, kun je jezelf helpen ‘gezonder’ te denken. Dat wil zeggen, meer gericht op een lange termijn belang in plaats van op de directe geruststelling.

Loskomen van love-junk overtuigingen is niet gemakkelijk, juist omdat je omgeving vaak wel blij is met jouw inschikkelijkheid.
Jouw baas of collega’s zitten vaak helemaal niet te wachten op die versterkte assertiviteit van jou. De kans is dus groot dat je kritiek krijgt of dat er een discussie ontstaat, juist datgene dat je al die tijd hebt geprobeerd te voorkomen. En waar je dus ook weinig mee hebt geoefend.
Kortom, het vergt een behoorlijke standvastigheid om van je ongezonde gewoonte af te komen. Binnenkort geeft Ester wat tips waarmee je je zelfinzicht vergroot en daarmee de kans om echt anders te gaan denken, voelen en handelen.

Over Ester de Bruine (1961)
Ester studeerde Onderwijskunde en Arbeids- & Organisatiepsychologie. Ze werkte als HR professional, docent aan de Hogeschool, consultant en ze startte een businessunit voor vrouwen en hun loopbaan. In 2012 richtte zij de Loopbaanonderhoudsgroep op, met als doel om werknemers te helpen beter voor hun eigen onderhoud te zorgen. En om werkgevers dat te laten faciliteren: Duurzame Inzetbaarheid 2.0. Ook schreef zij diverse boeken om mensen te helpen bij het vinden van hun pad op de arbeidsmarkt.

Lees verder
 

De Training: Groener gras!

10-06-2016

Groener gras! ‘De training’
Wat maakt deze training uniek?

Je hebt er natuurlijk zelf ook al over nagedacht. Maar toch kom je vaak niet verder. Omdat je midden in de situatie mogelijkheden over het hoofd ziet. Of omdat je je niet bewust bent van bepaalde impliciete overtuigingen. In dit traject scannen we met jou de opties vanuit 3 invalshoeken. Zodat je verder komt dan wat je al wist. Zo kijken we niet alleen naar praktische mogelijkheden, maar helpen we je ook meer grip te krijgen op te heftige emoties en ‘energielekken’. En helpen we je je onafhankelijkheid te vergroten door effectief te werken aan een realistisch Plan B.

Wat je verder nog kunt verwachten:

  • De vertaalslag naar je praktijk is gewaarborgd door o.a. reflectieopdrachten vooraf en uitgebreide opvolging.
  • Een helder plan, bedoeld voor jouzelf: samen met de trainer/psycholoog vullen jullie in steekwoorden een aantal modellen in die betrekking hebben op jouw als product op de (interne)arbeidsmarkt, op jouw verlangens en mogelijkheden.
  • Een nuchtere, down-to-earth training. Geen langdurige sessies over je passie. Maar vanuit verlangens en mogelijkheden kop zoek naar jouw beste opties. Niet onnodig zwaar en therapeutisch, maar wel met oog voor de momenten waarop jij jezelf afremt.
  • Doel van de training:

  • Meer inzicht in eigen mogelijkheden om bij te sturen
  • Minder last hebben van tegenvallers, lastige bazen en onzekere situaties door meer grip op je emoties en door ‘gezond denken’
  • Nu op je best kunnen zijn door een versterkt gevoel van onafhankelijkheid via een realistisch Plan B
  • Zicht hebben op hoe gericht en efficiënt gewerkt kan worden aan de eigen aantrekkelijkheid op de (interne) arbeidsmarkt. Of wel werken aan de eigen duurzame inzetbaarheid.
  • Opzet:

  • Je ontvangt van ons materiaal om alvast na te denken over wat voor jou belangrijk is en welke aspecten van je werk m.n. aandacht behoeven
  • Je start hebt een individueel gesprek waarin we je leerbehoeften bespreken met een van de trainers en krijgt jouw op maat gemaakte werkboek met tests en oefeningen
  • Je werkt thuis ongeveer een halve dag aan de tests en oefeningen
  • Je volgt twee keer een dag training waarin er aandacht is voor de essentie van loopbaanonderhoud en de RET. Je benut elkaar voor ideeën en experimenten.
  • Tussen beide dagen heb je een afspraak met een van de trainers om jouw kwaliteiten, behoeftes, mogelijkheden en ontwikkelplan scherp te krijgen in een uitgebreide individuele coaching sessie.
  • Wij doen suggesties voor aanvullingen van je modellen en onderhouden mailcontact over je ervaringen in de praktijk
  • Na 4 maanden is er een opvolg-bijeenkomst van een halve dag.
  • Trainers/coaches:
    Ester de Bruine en Roderik Bender

    Lees verder

    Zeg eens vaker "nee" tegen je baas!

    09-06-2016

    ofwel, met de RET meer succes en werkplezier

    Met plezier werken en succes hebben in je werk, vergt meer dan alleen talent hebben. Het vergt dat je fouten durft te maken en niet te veel piekert over zaken. Dat je jezelf zichtbaar durft te maken en "nee" kunt zeggen tegen je baas.

    Stel, je hebt een manager die je telkens weer opscheept met allerlei extra werkzaamheden, waardoor je regelmatig gefrustreerd de hele avond doorwerkt. Je sport niet meer, ziet de kinderen eigenlijk alleen nog in het weekend en denkend aan vakantie, verlang jij vooral naar heel veel slapen. Ondanks je voornemens lukt het je telkens niet een keer "nee" te zeggen.

    Vaak draaien je gedachten een beetje in cirkeltjes rond en ben je afwisselend boos op jezelf en je baas, verdrietig over dat er zo weinig begrip voor je is. Misschien ben je ook wel een beetje bang dat het teleurstellen van je baas betekent dat je geen goede opdrachten meer zult krijgen. Of vrees je dat je een negatieve beoordeling krijgt.

    De RET (rationeel emotieve training) is een veelgebruikte methode die je kan helpen anders de veelheid aan gedachten en gevoelens te ontwarren. De RET maakt een verschil tussen gezond en ongezond denken. Door de RET-aanpak krijg je zicht op je ongezonde gedachten en met enige training lukt het vaak er anders over te denken. In de RET wordt regelmatig humor gebruikt: vaak zie je zelf ook wel dat bepaalde gedachten een beetje krom zijn. En na een tijdje kun je er vaak ook anders over voelen. En daardoor effectiever handelen.

    De RET is een nuchtere en praktische methode, waarvoor je geen jaren op de divan moet. Het idee is dat je niet alles hoeft te begrijpen om je weer goed te voelen. Of effectiever te zijn. De focus ligt op het hier en nu. Gedachten die je in de weg kunnen zitten, maar die je misschien ook soms voordelen opleveren.

    Vaak gaat het om het verschil tussen lange en korte termijn belangen. Zo kan het op korte termijn prima voelen om de veilige weg te kiezen en de discussie met je baas uit de weg te gaan, als hij je vraagt nog iets extra te doen, terwijl je het al veel te druk hebt.

    Vaak zeggen we dan dat we beter voor onszelf moeten zorgen, maar dat is onzin. Je zorgt dan alleen te eenzijdig voor jezelf, alleen gericht op je korte termijn behoefte aan veiligheid. En niet op andere behoeftes die je hebt, zoals meer lol in je leven, rust en tijd voor de kinderen.

    5 tips om vaker “nee” tegen je baas te zeggen:

  • Creëer een burning platform: stel je voor hoe het leven zou zijn als je over 2 jaar nog steeds hetzelfde doet. Of kijk eens goed naar die collega die het nooit voor elkaar heeft gekregen.
  • Zie de peuter in de winkelwagen voor je: Elk mens is nog steeds een beetje kind, ook jouw baas. Misschien helpt het om niet te veel geïmponeerd te raken door zijn status om hem ook als zodanig te zien: een kind in een winkelwagentje met zijn/haar beentjes naar buiten. Hard roepend en trappelend omdat hij/zij dit keer geen snoep krijgt.
  • Maak je borst maar nat: Realiseer je dat je baas waarschijnlijk niet zal applaudisseren voor jouw moedige experiment om vaker nee tegen hem/haar te zeggen. Dat maakt dit experiment ook extra lastig. Terwijl je jarenlang het conflict uit de weg gegaan bent, krijg je nu mogelijk een dubbele portie, want je baas zal zijn belangen verdedigen. En dus krijg je mogelijk te maken met druk (“Ik denk dat jij niet begrijpt welke belangen er op het spel staan”), veroordeling “(Ik dacht dat jij een harde werker was.”), afwijzing (Hij zoekt je helemaal niet meer op). Waarschijnlijk is dat tijdelijk, een beetje vergelijkbaar met dat kind voorin de winkelwagen die extra lang en hard gaat zeuren in de hoop dat het alsnog lukt om dat snoep in de kar te laden. En elke keer als je toegeeft, zal het de volgende keer langer duren.
  • Ga tot de zwarte bladzijde: eigenlijk weet je wel dat het onzin is, dat je op basis van jouw weigering je baan zult kwijtraken. Tenminste dat zeg je tegen jezelf, maar tegelijkertijd weet je het niet zeker. Ongemerkt houdt je wel degelijk rekening met het gegeven dat je mogelijk iets rampzaligs kan overkomen als je nee zegt. Dus onderzoek jouw zwartste bladzijde: als je dan je baan zou verliezen, zou je dan nog ooit gelukkig kunnen worden? Zou je dan nog wat anders kunnen vinden om je geld mee te verdienen? Als je echt niets anders kunt verzinnen, ga dan echt werken aan je Plan B. Dat maakt je beter in het hier en nu. Het lukt veel beter om moedig te zijn als je wel het idee hebt dat er een alternatief voor je is.
  • Verleid jezelf ook tot het nemen van deze stap, zie het belang ervan. Stel jezelf voor met meer tijd: hoe je duurzamer met jezelf omgaat, gezonder kunt leven en meer aandacht kunt hebben voor je geliefden. Hoe je meer tijd voor plezier zou hebben. *
  • Lees verder

    Het CBS: 35 plus vrouwen werken vaak onder hun niveau.

    10-03-2016

    10 tips voor meisjes (0-80) die niet willen uitsluiten dat ze in de directie komen

    Recent onderzoek van het CBS geeft aan dat vrouwen veel vaker dan mannen onder hun niveau werken. De reden? Vrouwen werken veel vaker parttime, zijn ook minder ambitieus, logisch toch? Maar gek dan dat meisjes tijdens hun opleiding juist vaak ambitieuzer lijken te zijn dan jongens; gemiddeld ook betere resultaten behalen. Ergens gebeurt er iets met de ambitie van vrouwen; hieronder de inzichten van Anna Fels met haar beroemde boek over vrouwen en ambitie. En 10 tips uit onze praktijk.

    Iedereen is het met elkaar eens, en toch klopt het niet

    Ambitie bestaat uit 2 componenten, zegt de Amerikaanse psychiater Anna Fels, die de besteller ‘Vrouwen en Ambitie’ schreef. Het gaat om 1) vakmanschap en 2) erkenning

    1) Met dat vakmanschap van vrouwen zit het dus wel goed; de verschillen tussen mannen en vrouwen als het gaat om gevolgde opleidingen en trainingen, zijn klein. Sterker nog: vrouwen scoren vaak beter op opleidingen.

    2) Het krijgen van erkenning voor het verkregen vakmanschap is echter niet vanzelfsprekend. Ze beschrijft hoe in onderzoeken blijkt dat beslissers (mannen en vrouwen) vrouwen meer potentieel zien in mannen. Dat een opmerking als: “Weet je zeker dat je deze stap kunt maken?” significant vaker tegen vrouwen die promotie maken wordt gemaakt, dan tegen mannen.* En vrouwen zien dat dus vaak ook zo; zelf geven ze er ook de voorkeur aan om meer ervaring op te doen, nog een opleiding te volgen etc. Dus kortom: we zijn het allemaal met elkaar eens.*

    Vrouwen krijgen dus minder erkenning voor hun inhoudelijke kwaliteiten dan mannen. Fels beschrijft in haar boek hoe ons zelfbeeld gevormd wordt juist door de feedback die we krijgen. Het is dus waarschijnlijk dat dit invloed heeft op het zelfbeeld van vrouwen. Dat vrouwen gemiddeld wat onzekerder zijn over hun competenties dan mannen. En niet zo snel hun vinger opsteken bij kansen of op hun strepen gaan staan als ze gepasseerd worden. Als gevolg daarvan doen ze minder uitdagende ervaringen op. Zo winnen ze niet aan zelfbewustzijn en ambiëren dan ook geen doorgroei. Waardoor de vertraging steeds vastere vorm krijgt. Want dan is het ook steeds vanzelfsprekender dat de vrouw degene is die een stapje terug doet als er kinderen komen en parttime gaat werken. En dan is het weer logisch dat zij degene is die zich aanpast als er verhuisd moet worden omdat haar partner van baan verandert.

    De eigen keuze is niet zo autonoom als het lijkt. Het vergt voor vrouwen regelmatig bewust tegensturen, ook dus op hun eigen gevoel, om niet in het patroon terecht te komen waarbij ze onder hun niveau werken.

    Hieronder 10 tips voor alle meisjes van 0 tot 80 die niet willen uitsluiten dat ze wél directeur of minister-president worden en voor alle mannen die dat willen ondersteunen:

    • Zorg dat je ook mentaal tijdig je juniorpositie ontgroeit. Het is goed om je realiseren dat vrouwen veel vaker dan mannen de neiging hebben om te denken dat ze pas ok zijn c.q. kunnen doorgroeien als ze eerst nog een opleiding volgen of meer ervaring opdoen.
    • Alert zijn op subtiele beïnvloeding. Die welwillende manager die je vanzelfsprekend niet vraagt voor een uitdagend project omdat jij met die jonge kinderen al genoeg aan je hoofd hebt. Of die heel veel potentieel in je ziet, maar het nu nog te vroeg vindt om je al voor te dragen voor promotie. Of misschien wel gewoon de juf op school die je aanspreekt omdat je je gezicht zo weinig laat zien.
    • niet te snel denken dat het aan jou ligt, dat je echt nog niet goed genoeg bent. Weten dat veel vaker voorkomt en voorkomen dat je gekwetst raakt.
    • Wees je bewust van het belang van functienaam en salaris. En onderzoek je motivatie eerlijk als je voorzichtigheid bij jezelf bespeurt; is het niet uit onzekerheid of angst dat je positie ondermijnt door gedachten als:
    • ‘Ik ben niet ambitieus, ik wil gewoon met iets bezig zijn waar ik in geloof’
    • “Het gaat mij niet om het geld’
    • Je realiseren dat je gevoel volgen vaak een veilige keuze oplevert. Dat alle andere (bijna allemaal, tenminste) Intelligente meisjes professional worden: dokter, rechter, beleidsfunctionaris, of vertaler. Vaak omdat ze geen zin hebben in dat politieke gedoe in de top, dat hanengevecht. Maar misschien past het jou wel om tegen de wind in te fietsen. En om rolmodel te zijn.
    • Het meer als een spel zien en ook oefenen in competitie, in opgewekt te verliezen. Maar dus ook de smaak van het winnen te ervaren.
    • Wees een beetje gierig (ok, niet al te gul) met je tijd. Pas op voor love-junkgedrag. Ofwel: dingen doen die eigenlijk niet goed voor je zijn, omwille van de waardering van de ander (of het voorkomen van diens afkeuring). Te veel routineklussen thuis en in het werk op je nemen bij voorbeeld omdat anderen dat van je verwachten. Wees niet te gul met je tijd.
    • Doe aan functioneel socializen. Veel parttime werkende vrouwen compenseren hun beperkte aanwezigheid door vooral heel hard te werken. Uit onderzoek blijkt dat vooral het informele circuit leidt tot de meeste kansen. Dus: neem de tijd en heb het óók over werk.
    • Eerst succeservaringen opdoen, dan pas kiezen. Een plek vinden waar je tot je recht komt voordat je een keuze maakt om al dan niet parttime te gaan werken en hoofdopvoeder te worden. Je keuze is beter gefundeerd, je hebt meer kans om op niveau terug te komen en je hebt thuis een betere onderhandelingspositie.
    • Durf een beeld neer te zetten dat je wel wat kunt. Het tegen elkaar opbieden van je missers is een gezellig thema op een avond met vriendinnen, maar niet met collega’s.
    • Word eens kwaad. Mannen verdienen mede zoveel meer omdat vrouwen niet op hun strepen gaan staan. Niet stampvoetend bij hun baas naar binnen stormen als ze erachter komen, dat hun bonus zoveel kleiner is dat die van hun mannelijke collega.
    Lees verder

    2016 in, liefst met een fijne vaste baan.

    27-12-2015

    Tevreden, maar bezorgd (is de gemiddelde Nederlander)
    Ga zelf bovengemiddeld ontspannen 2016 in!.

    Zo laten de resultaten van het onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau het humeur van Nederlanders zich samenvatten. Heel bepalend voor deze onrust is het gevoel dat de vaste banen aan alle kanten lijken te verdwijnen, aldus Paul Schnabel, voormalig directeur, in het Parool.

    Met de recente aankondiging van (dreigende) ontslagen in de zorg, de retail (V&D, DA en Blokker) en de financiële wereld (Rabo) zien veel Nederlanders 2016 met zorgelijke blik tegemoet. Want het kan blijkbaar overal. Ook ik kan me het dringende advies van mijn vader nog herinneren midden jaren 80 als student om maar in de financiële sector te gaan werken, want daar zat je wel safe. In geen andere sector is zo hard gesnoeid als in deze sector. Ruim 1 op de 5 banen is verdwenen. De oorzaken van de grote ontslagrondes zijn vaak een mix van innovaties (doordat we allemaal aan internetbankieren doen kunnen kantoren dicht en hoeft er veel minder handmatig gecontroleerd te worden bij de Rabo), nieuwe concurrentie (hoe Bol.com met 1/7 deel van het aantal werknemers een hogere omzet behaalt dan V&D), politieke keuzes (privatisering in de zorg).

    De vaste baan is een typisch 20 ste eeuws concept, aldus Ton Wilthage, hoogleraar in Tilburg. De geringe resultaten die Asscher bereikt heeft met zijn pogingen om meer banen te creëren lijken dat te bevestigen.
    Onrust dus, vooral bij 45-plussers die opgegroeid zijn met het concept van vaste banen. Van wie verwacht wordt dat ze tot 67 of langer blijven werken en nog maar 3 en straks 2 jaar WW krijgen? Het uitzingen tot je pensioen is steeds minder vaak een optie. Voor eenieder die hecht aan zekerheid zit er maar een ding op: het zelf proberen te creëren. Want ook als het Zwaard van Damocles niet op jou terecht komt, kan de dreiging alleen al flink impact hebben op je humeur.

    Als je van de Loopbaanonderhoudsgroep bent, is het niet gek dat je jezelf duurzaam inzetbaar houden als stokpaardje hebt. Dat je probeert weer een aantal mensen in die reflectieve dagen tussen kerst en oud en nieuw te overtuigen dat het goed is om gewoon maar ‘ns na te denken over een aantal vragen, en zo weer dichter bij een realistisch Plan B te komen.

    Onderstaande vragen, bij voorbeeld:

    • Heb je helder wat je te bieden hebt?
    • Weet je wat je graag doet, in welke omgeving/rol je tot je recht komt?
    • Heb je een idee waar jouw mogelijkheden liggen, voor wie jij interessant zou kunnen zijn?
    • Heb je helder hoe je jezelf aantrekkelijk voor een bepaalde rol/omgeving maakt?
    • Weet je wat je zou kunnen doen om je netwerk te verbeteren?
    • Heb je scherp waarom je dingen niet doet, hoe je jezelf afremt?

    Op deze site staat een plan voor een uur, dat je al verder kan helpen.
    Wil je het maken van een Plan B nog systematischer aanpakken: neem dan contact met ons op om te informeren naar de mogelijkheden.

    Lees verder

    Heb je een loopbaan vraag?

    Hier de tekst